Posts tonen met het label Petrus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Petrus. Alle posts tonen

zaterdag 9 juni 2018

De profeet voorzegt de Profeet

Hoofdstuk 12

Deze heeft hen uitgeleid, doende wonderen en tekenen in het land van Egypte, en in de Rode zee, en in de woestijn, veertig jaren. Deze is de Mozes, die tot de kinderen Israëls gezegd heeft: De Heere, uw God, zal u een Profeet verwekken uit uw broederen, gelijk mij; Dien zult gij horen.
Handelingen 7 : 36-37

Het is opmerkelijk hoeveel Stefanus verzwijgt van Mozes. Hij heeft het niet over Mozes’ halstarrige houding, zijn driften en zijn moedeloosheid over het ongeloof van het volk. Hij schildert hem enkel uit als een profeet die tekenen en wonderen deed. Het lijkt wel alsof Stefanus zichzelf een beetje uittekent voor de oren van het opgehitste volk.
Zondigen tegen beter wetenWaarom staat Stefanus zo uitgebreid stil bij Mozes. Ik had die vraag nog niet goed overdacht, maar in de Kanttekening las ik dit: “Hier toont Stefanus dat hij tegen Mozes niet leert als hij Jezus Christus predikt, dewijl Mozes zelf van Hem geprofeteerd heeft.” Met het diep ingaan op Mozes laat Stefanus dus zien dat hij niets tegen Mozes heeft. Zijn eerste beschuldigers zeiden in hoofdstuk 6: “Wij hebben hem horen spreken lasterlijke woorden tegen Mozes en God.” De ­beschuldigers die daarna kwamen zeiden: “Deze mens houdt niet op lasterlijke woorden te spreken tegen deze heilige plaats en de wet. Want wij hebben hem horen zeggen, dat deze Jezus, de ­Nazarener, deze plaats zal verbreken, en dat Hij de zeden veranderen zal, die ons Mozes overgeleverd heeft.” Stefanus laat dus ook zien in dit verweer dat Mozes een goed zicht had op Jezus Christus!
Stefanus doet alsof Mozes zelf al die wonderen deed. Hij wil Mozes geen goddelijke eer geven, maar hij zoomt in op die wonderen waar tegenover het volk juist zoveel ongeloof en haat stelt!
Dat is de zonde die voor Stefanus ‘live’ werden uitgeleefd door de massa die hem naar het Sanhedrin heeft geleid. Ja, het Sanhedrin zélf betreedt met vast tred hetzelfde pad, als waarmee ze ook Jezus en al de profeten van het Oude Testament de dood in hebben gedreven.

Veertig jaar wonderen
Hoe ver kun je gaan, als je tegenover veertig jaar wonderen, hulp en zegen even zoveel jaren dwarsliggen en opstand zet? Over die veertig jaar omzwerving wilden de Joden maar liever niet te veel horen. Je mocht spreken over hun afmatting, hun ‘afzien’ en hun lijden, zowel in dorst en honger als in verdrukking van vijanden. Maar je mocht niet spreken over de oorzaak van die dingen: ongeloof en botte tegenstand. Was het niet juist deze Mozes die voor het volk had gepleit toen God dat hele zooitje had willen wegvagen?

Veertig jaar tekenen
Het waren niet alleen wonderen die door Mozes werden verricht. Wonderen staan niet op zichzelf! Daar zouden we vandaag de dag ook eens meer bij moeten stilstaan. De wonderen van genezing zijn geen doel op zich. De wonden van uitredding hebben een ander doel dan ‘lekker leven’ en ‘doorgaan met waarmee je bezig was’. Dat nare woordje ‘bekering’ (tot inkeer komen) zit er onlosmakelijk aan verbonden.
Nee, er is ook sprake van ‘tekenen’, zo zegt Stefanus. Die veertig jarige reis door de woestijn stond bol van allerlei hints en heen­wijzingen naar iets anders. Naar Iemand anders! Eigenlijk moet je zeggen dat het volk veertig jaar lang langs al die hints en heenwijzingen heen heeft geleefd. Hoeveel tekenen krijg je vandaag de dag mee van God? Niet alleen elke zondag, maar toch zeker ook juist die dag?!


Mozes’ profetieën
Wat was Mozes eigenlijk? Een prins, een generaal, een leider, een held… en ja toch ook een moordenaar! Hij was ook de kroniekschrijver van het volk Israël; zijn kronieken lezen we in Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium. Je zou hem ook de ‘man van de wet’ kunnen noemen. Maar kennen we hem ook als een profeet? We hebben zijn Psalm, Psalm 90, de Oudejaarspsalm. Het is die man, die zulke diepe en prachtige dingen kon zeggen over God:
“Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht.”
“Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God.”
“Want duizend jaren zijn in Uw ogen als de dag van gisteren, als hij voorbijgegaan is, en als een nachtwaak.”
“Want wij vergaan door Uw toorn; en door Uw grimmigheid worden wij ­verschrikt.”
“Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke zonden in het licht Uws aanschijns.”
“Wie kent de sterkte Uws toorns, en Uw verbolgenheid, naardat Gij te vrezen zijt? Leer ons alzo onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen.”
“Verzadig ons in den morgenstond met Uw goedertierenheid, zo zullen wij juichen, en verblijd zijn in al onze dagen. Verblijd ons naar de dagen, in dewelke Gij ons gedrukt hebt, naar de jaren, in dewelke wij het kwaad gezien hebben.”
“En de liefelijkheid des HEEREN, onzes Gods; zij over ons”


De Messias
Hoe veelkleurig praat hij over God?! Maar luister eens wat Mozes, aldus Stefanus, zegt over de Messias! Hij zegt: “De Heere, uw God, zal u een Profeet verwekken uit uw broederen, gelijk mij…” Hij heeft dus al voorzegt dat de Messias niet een ­opzienbarend figuur zal zijn. Het zal een soort Mozes zijn. Gewoon iemand uit het volk! Let daar dus op, want voor je het weet kijk je ‘over Hem heen’ en ga je voorbij aan Zijn aanwezigheid. Dat ‘als ik’ duidt zeker ook, volgens Stefanus op de wonderen die de Messias zal doen, net als Mozes. Aan Mozes’ wonderen en tekenen hadden ze voorbij geleefd; zo zal het ook gaan met de Messias!
Johannes wist Mozes niettemin wel te ­onderscheiden van Jezus, als hij schrijft in Joh. 1:17-18 “Want de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid is door Jezus Christus geworden. Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in den schoot des Vaders is, Die heeft Hem ons verklaard.”
Er is verschil. Mozes gaf de wet van God door. Maar wat Mozes niet kon, kon Jezus: genade van God aanbrengen! En… het grootste verschil met Mozes is, dat Jezus God heeft gezien. Mozes kon het niet aan, maar Jezus wel. Sterker nog, Hij kende God door en door. Wat een verschil is dat?! Daarom was Hij bij uitstek zo geschikt om genade aan te brengen. Omdat Hij de ingrediënten van genade kende! Moet je eens over nadenken.

De Messias horen
Nog één groot verschil lijkt Stefanus hier te onderstrepen. De Messias zal even ongedacht en onverwacht komen als Mozes; eveneens uit het volk gekomen. Maar Stefanus zegt erbij: “Dien zult bij horen.” Wat bedoelt hij – en achter hem Mozes – met deze woorden? Het is zo dat Petrus deze woorden ook gebruikt in zijn Pinksterpreek. Maar ze komen niet bij de discipelen zelf vandaan. Mozes had dit inderdaad gezegd in Deut. 18. Daar stelt hij de profetie en de profeten van het Woord van God tegenover de guichelaars en alle andere afgodenpredikers. “Een Profeet, uit het midden van u, uit uw broederen, als mij, zal u de HEERE, uw God, verwekken; naar Hem zult gij horen.” En Mozes zegt hier ook stellige dingen over hoe we die profetie moeten duiden: komt het uit, dan blijkt dat het het Woord van God is geweest. Als we er dan niet direct voluit geloof aan hechtten, dan toch zeker na afloop. Het is de zonde tegen de Heilige Geest als we ons verharden en die woorden van God aanwijzen als godslasterlijk. Je merkt dat Stefanus hier tussen de regels door iets aan de Joden vertelt over Jezus’ profetieën!
Het volk was juist door de wet van Mozes gehouden om de profetie te geloven en op te volgen. God had het Zelf geboden! God de Vader had in dit verband ook nog iets specifieks gezegd over Jezus, dat Petrus – als getuige van de verheerlijking van Jezus – in zijn achterhoofd moet hebben gehad, toen hij Mozes’ woorden citeerde: “Deze is Mijn geliefde Zoon, in Denwelken Ik Mijn welbehagen heb; hoort Hem!”
We hebben in Jezus niet te maken met zomaar een profeet, maar met dé Profeet, ja, met de Zoon van God; een Zoon in Wie de Vader al Zijn welbehagen, Zijn diepste genot en meest intense vreugde heeft. Zou je Hem dan niet horen?

God aanbidden
Zijn niet Jezus’ woorden bij uitstek woorden die je moet gehoorzamen? Wat heeft Hij niet allemaal gezegd over de wet van Mozes? Of over de liefde tót de Vader en de liefde ván de Vader? Hij kende als geen ander de Vader tot in het diepst van Zijn ziel. Hij kende de intenties van Zijn Vader en Hij vertelde ons erover.
In Hem hebben we enorm goed kunnen zien Wie de Vader is. Mozes heeft dat allemaal niet zelf kunnen zien en duiden. Het was de Heilige Geest Die hem daar woorden voor gaf. En het is diezelfde Geest Die Stefanus vol vuur laat preken. Reken maar dat de Joden hier iets van hebben gemerkt. Hier staat niet zomaar een man uit het volk. Hier staat niet zomaar een volgeling van Jezus, maar hier staat een profeet te prediken die Gods Woord brengt.
Ze voelden vanuit Deuteronomium 18 de klem om hier iets mee te doen. Mozes stond voor hen en stelde hen voor de keus: “Wat doe je met Gods Woord, Dat hier wordt gepreekt? Neem je het aan en buig je of verwerp je het en recht je je rug? Deze man kant zich niet tegen mij, Mozes, maar hij valt mij bij. Hij kant zich niet tegen God en Zijn wet, maar hij verkondigt die wet op Gods bevel. Dus… wat doe je?”
Je kunt je levendig voorstellen wat het antwoord werd, toen ze hun oren dichtstopten en briesend op Stefanus aanvielen. Maar voor we verder gaan lezen toch die vraag: Wat doe jij met Gods Woord? Als dat morgen, zondag, gepreekt wordt, leg je het dan aan de kant en vind je het allemaal teveel liefde en teveel Jezus en te weinig de zondige mens en zijn walgingopwekkende zondestaat? Of val je dit Woord bij en leef je op in God, aanbid je Hem nederig, heel je leven, conform Psalm 96?
Aanbidt Hem need’rig al uw leven,
Hem, die, in ‘t heiligdom verheven,
Een Godd’lijk licht van zich verspreidt;
Leer, aarde, voor Zijn majesteit,
Leer voor Zijn aangezichte beven.

dinsdag 7 februari 2017

Koortsachtig of Koortsvrij?

"En Jezus opgestaan zijnde uit de synagoge, ging in het huis van Simon; en Simons vrouws moeder was met een grote koorts bevangen, en zij baden Hem voor haar. En staande boven haar, bestrafte Hij de koorts, en de koorts verliet haar; en zij van stonden aan opstaande, diende henlieden."
Lukas 4 : 38-39

Jezus bestraft de koorts zoals Hij de verkopers in de tempel bestrafte: "Jullie ontheiligen Mijn Vaders huis!" Tegen de koorts heeft Hij wellicht gezegd: "Jij koorts, jij ontheiligt Mijn Vaders schepping!"

Het lijkt alsof er iets totaal nieuws gebeurt. De eredienst op de sabbath is afgelopen. Nieuw hoofdstuk. Maar let erop dat het nog steeds sabbath is, als Jezus de synagoge verlaat en met Petrus meegaat. Gisteren las ik ergens iets over Petrus die Jezus al vanuit Nazareth zou zijn gevolgd. Het lijkt haast alsof hij Jezus 'mee op de koffie' heeft gevraagd uit de kerk. Ken je dat? Een stel of een alleenstaande/alleengaande meenemen voor een goed gesprek over de preek. Of over andere geestelijke zaken die in de gemeente spelen of in het persoonlijk leven. Een goede gewoonte.
Maar… als Petrus al die tijd Jezus zou zijn gevolgd (we weten het immers niet zeker) dan liep hij aldoor met die zorg voor zijn schoonmoeder in zijn achterhoofd. Meer aannemelijk is dat Petrus naar de synagoge is gegaan om Jezus op te wachten. Wat een hoop moet die man gekregen hebben toen hij meemaakte dat Jezus een duivel uitwierp! Als Jezus een duivel het zwijgen kon opleggen, dan zou hij toch zeker de zware koorts van zijn schoonmoeder kunnen wegnemen, nietwaar?

Opnieuw een bestraffing

Jezus woonde al een week of langer in Kapernaüm. En Petrus' schoonmoeder lag niet in haar eigen huis, maar in Petrus' woning op bed. Petrus is volgens mij de enige van wie we weten dat hij getrouwd was (geweest) toen hij Jezus’ discipel werd. Was hij weduwnaar? Of liet hij zijn gezin lange tijd alleen, terwijl hij met Jezus het land doortrok? Ik las deze dagen het boek over ds. Laurus Boone die een hele stapel gemeenten tegelijk moest bedienen in Zeeland en het grootste deel van de week op pad was om de mensen te bezoeken. Hij liet ook zijn vrouw en kinderrijke gezin achter. Er waren er meer – oefenaars en predikanten – die zo dagen aaneen van huis waren voor het Koninkrijk van God.
Dat is toch niet normaal, was de eerste reactie die in mij opkwam. Maar toen ik bedacht dat heel veel vaders ook lange tijd van huis zijn, in het buitenland zitten voor zaken, en hun vrouw met de kinderen achterlaten, dacht ik: waar kun je dan beter mee bezig zijn? Zijn al die zakenreizen wel echt zo nodig?
Toen ze het huis binnenkwamen stonden er mensen om het bed van 'oma'. Ze was doodziek. Toen ze Jezus zagen, bogen ze zich ootmoedig voor Hem neer en vroegen hem: "Ontferm U over haar, Heere!" Streek Jezus over het lichaam? Smeerde Hij slijk over haar? Zalfde Hij haar met olie? Nee. Net als in de synagoge sprak Hij slechts één machtswoord. In de tekst staat dat Hij de ziekte bestrafte. Nu niet tegen een duivel; hoewel… Onder de foto schreef ik: Jezus bestraft de koorts zoals Hij de verkopers in de tempel bestrafte: "Jullie ontheiligen Mijn Vaders huis!" Tegen de koorts heeft Hij wellicht gezegd: "Jij koorts, jij ontheiligt Mijn Vaders schepping!"

Nu een andere reactie

Opnieuw een wonder in Kapernaüm. De dokters hadden hun pogingen gestaakt en de familie op het ergste voorbereid. Er was geen hoop meer. Maar toen kwam Jezus. Eén woord van de Meester en … de zieke is genezen. Niet half, niet een beetje, maar totaal!
En als het ware zit je al te wachten op het refrein: "En zij versloegen zich over Zijn leer, want Zijn woord was met macht…" en "Wat woord is dit, dat Hij met macht en kracht den onreinen geesten gebiedt, en zij varen uit?" Wat is dat toch met die Jezus uit Nazareth? Praatjes op de straatjes van Kapernaüm, opnieuw? Nee…
Een nieuw couplet zet zich in: "…de koorts verliet haar; en zij van stonden aan opstaande, diende henlieden"! Een dienst van dankbaarheid aan Jezus. Een dankoffer. Wat een verschil met die Rumormill die onderwijl door het dorp waardt! Want ja, dat gaat tegelijk door. Terwijl Petrus' schoonmoeder Jezus dient, kwebbelen talloze praatzieken in Kapernaüm over dat wonder in de synagoge. Wat een wereld van verschil.
Jezus' bestrafte eerst de satan zelf. Nu bestraft Hij de gevolgen van de zonde. Er komt een moment dat Hij Zijn jongeren zal bestraffen omdat ze te weinig geloof hebben en zelfs niet met Hem kunnen waken. De kring sluit zich steeds verder. Maar … met als doel het behoud van zondaren. Als je dat doel uit het oog verliest, zie je enkel het wonderteken, dat een illustratie moest zijn bij Jezus' werkelijke 'reisdoel' vanuit de hemel.
Dat 'uit het oog verliezen' kan zich uiten op verschillende manieren. Maar de grote overeenkomst is dat je Jezus' woorden hoort, Zijn wonderen ziet, maar Hem niet dient! Ben je nog koortsachtig bezig om dikke verhalen over Jezus te vertellen of… ben je 'koortsvrij' gesproken door Hem? Neem dan een voorbeeld aan Petrus' schoonmoeder, daar in dat huisje in Kapernaüm.

maandag 20 april 2015

Jezus gaat voor naar Galilea

"Doch gaat heen, zegt Zijnen discipelen, en Petrus, dat Hij u voorgaat naar Galilea; aldaar zult gij Hem zien, gelijk Hij ulieden gezegd heeft."
Markus 16 : 7

Gods kinderen zondigen nooit goedkoop. Niet alleen omdat er zo'n enorme prijs aan het offer voor de zonde hangt (God gaf Zijn Eigen Zoon!), maar ook omdat God er in dit leven nog op terugkomt, wanneer zij zondigen. Voor veel goddelozen komt dat moment pas op de Jongste Dag, maar in het leven van Zijn kinderen moet God dat vóór die Dag met eerbied gezegd 'op orde hebben'. Niet dat zij hun zondeschuld kunnen aflossen, maar wel om de dingen weer recht te zetten in hun geheiligd leven. Pijnlijk komen we dat in dit vers tegen; hoewel we ook zullen zien hoe pastoraal en liefdevol Hij de Zijnen die zijn afgedwaald weer opzoekt.

Ga naar Zijn discipelen

De vrouwen, hoe verschrikt ze de engel ook kijken, worden op pad gestuurd. "Kijk maar goed, dan kun je straks zeggen dat jullie alle drie met eigen ogen gezien hebben dat het graf leeg is; ja, dat Hij leeft!" En, het is nu eenmaal een vaste wet dat in de mond van twee of drie getuigen alle ding zal bestaan. Het wegsturen van de vrouwen maakt duidelijk dat ze niet moeten blijven hangen bij wat is geweest en niet meer is. Als het je aard is om snel te blijven hangen in het voorbije, dan is dat een harde en moeilijke les. Het lege graf is ook zo totaal tegengesteld aan het beeld waarmee ze die morgen op weg gingen.
De opstanding van Christus en de angst van de soldaten zou kunnen duiden op een wraakactie. In zoveel films komt dat aspect aan de orde, waarin een held overwonnen leek, opstond en zich in totale wraak uitleefde op zijn vijanden. Maar zo niet bij Christus. Zelfs geen wraak aan Zijn jongeren, die Hem zo schandelijk alleen lieten. Nee, Hij stuurt – bij monde van de engel – de vrouwen op pad om Zijn komst in vrede aan te kondigen.

Ga naar Petrus

Toch zit er niet enkel liefde en ontferming in deze tekst, hoewel… "… zegt Zijn discipelen én Petrus…" Er wordt onderscheid gemaakt door de engel; en niet zonder reden, dat voel je wel aan. Met die woorden zet de engel Petrus eigenlijk buiten de discipelkring. Pijnlijk. Wij weten dat het allemaal anders is geworden, maar Petrus had zich de plaats in de kring onwaardig gemaakt. Laat ik direct zeggen dat we daar geen grote woorden over moeten spreken. Want wie van de discipelen – zelfs Johannes niet – die blijkbaar nog wel binnen die kring stonden, had zich die plek waardig gemaakt? Waren ze niet allen op de loop gegaan? Hadden ze niet allen Christus verlaten? En was dat ten diepste ook niet juist Jezus' bedoeling? Hij wilde de pers vrijwillig en alleen treden!
Wat Petrus betreft, de Heiland zag reeds naar hem om, nog voordat hij Hem zou zien! Er moest wat recht worden gezet, en wij denken altijd dat dat bij de zee van Tiberias gebeurde, maar er is een persoonlijke ontmoeting met Jezus aan voorafgegaan; dat lezen we in 1 Korinthe 15 vers 5: "En dat Hij is van Cefas gezien, daarna van de twaalven." En in het evangelie van Lukas, hoofdstuk 24 vers 34 roepen de opgetogen stemmen vanuit de zaal in Jeruzalem de Emmaüsgangers tegemoet: "De Heere is waarlijk opgestaan, en is van Simon gezien!" Zij zelf hadden Hem nog niet gezien, maar Petrus mocht als eerste mannelijke getuige worden ingevoegd, na de vrouwen! Wel vreemd dat de vrouwen hun boodschap hadden doorgegeven aan de discipelen, maar dat die nog steeds in Jeruzalem bleven. Wat weerhield hen om naar Galilea te gaan?

Ga naar Galilea

De soms wat tegensprekende berichtgevingen in de evangeliën lijken wat verwarrend, op het eerste gehoor. Jezus gaf de opdracht om naar Galilea te gaan, maar we komen die eerste Paasavond de hele kring nog tegen in de opperzaal te Jeruzalem. Waarom zijn ze niet gehoorzaam op pad gegaan? Je zou wellicht kunnen denken dat ze, zoals de Emmaüsgangers al zeiden, de vrouwen niet serieus namen. Maar dan spreken ze zich toch later op de avond tegen, als ze roepen dat juist ook Petrus Hem heeft gezien. Wat Petrus daar op dat moment? Als we goed lezen zien we dat Petrus daar ook in de zaal was. De opgetogen mensen hebben, al sprekend tegen de Emmaüsgangers, met drukke armzwaaien richting Petrus gewezen. Hij zal hebben geknikt. Misschien wel met een brok in de keel. Hij als eerste van de hele kring, terwijl hij zijn Meester zo laf had verloochend. Maar… het gesprek met Jezus, onder vier ogen, had hem reeds hersteld in zijn plaats te midden van de andere broeders en zusters. Daarmee was zijn getuigenis ook voor hen acceptabel. Niet iets om trots over te zijn; niet iets om net te doen of er niets is gebeurd. Maar juist dit bezoek aan Petrus was het bewijs dat het inderdaad Jezus móest zijn. Zo een is hun Liefste! Duidelijk herkenbaar!

Ga naar Jezus

Niettemin ligt daar dus nog steeds die opdracht van Jezus aan de Zijnen. Ze moeten naar Galilea gaan, dáár zullen ze Hem zien. Vreemd genoeg komt Jezus daar niet op terug, als Hij even later aan deze kring verschijnt. De engel had gezegd tegen de vrouwen: "Zeg tegen hen dat Jezus hen voorgaat naar Galilea; daar zullen ze Hem zien…" Ondanks al die geruchten, hadden ze zelf nog geen tastbaar bewijs; nog steeds hadden ze Hem niet zelf gezien. Dat zou daar in Galilea gebeuren, zoals Hij hen reeds voor Zijn dood had gezegd!
Dat woordje 'voorgaan' kan inderdaad 'voor iemand uitlopen' betekenen. Maar het is wel heel merkwaardig dat het ook betekent 'te voorschijn brengen uit een plaats waar iets of iemand verborgen is geweest'. Dáár zul je Hem zien. Nog een andere betekenis heeft dit woord: 'voorleiden voor het gerecht'. Het is zeker niet de betekenis van het woord in onze tekst, maar het is wel een mooie lijn naar de grote Oordeelsdag, waarop die rechtbank er wel zal komen, maar… Jezus de Zijnen zal vrijkrijgen wegens Zijn offer. Sterker nog… die grote dag der vrijkoping is net achter de rug: Goede Vrijdag!
Ik laat het probleempje dat Jezus toch in de opperzaal verschijnt, tot tweemaal toe, maar liggen voor dit moment. Wat ik wil benadrukken is… ga naar Jezus. Dat is de opdracht die ook vandaag nog klinkt. Hij vraagt niet veel meer dan dat. Kom zoals je bent en doe je niet mooier voor dan je bent! Evenwel kun je niet blijven wie je bent. Juist daarom moet je bij Jezus zijn! Met je zonde, je schuld, met je pijn en verdriet maar ook met je blijdschap die je van Hem hebt gekregen. Elke dag weer opnieuw, totdat… Hij zal verschijnen op de wolken. Elk oog zal Hem zien. En dan zullen wij Hem zien, zoals Hij is. Kijk je al uit naar die ontmoeting?