Posts tonen met het label transparant. Alle posts tonen
Posts tonen met het label transparant. Alle posts tonen

woensdag 7 juni 2017

Jezus heeft de tickets

"In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben;
Ik ga heen om u plaats te bereiden."
Johannes 14 : 2



Er zijn processen in het leven, ook in de kerk, die wrevel en wrijving oproepen. Voor je het weet focus je enkel op het vergankelijke, dat wat geen blijvende waarde heeft. Want deze wereld gaat voorbij; ook de kerkelijke wereld. Het blijft niet bij woorden, maar het wordt volle werkelijkheid. Soms helpt het om net als Christen in de Christenreis van Bunyan, even de verrekijker aan de ogen te zetten en intensief naar de toekomst te turen… ja, het is er echt en dáár gaat het heen!

Processen op aarde, vaak politiek getint tot op de werk- en kerkvloer toe, zijn nogal eens ondoorzichtig. Soms heeft dat te maken met een stukje 'wat je niet weet, kan ook geen verwarring geven'; soms ook voel je dat er iets essentieels achtergehouden wordt. Te veel mensen slikken dat voor zoete koek en halen hun schouders op. "Zij zullen het wel weten", wordt er dan gezegd. Wie die 'zij' zijn blijft vaak vaag. Maar vaagheid en troebelheid is er bij Jezus' komende Koninkrijk niet bij. De dingen zijn kraakhelder en eerlijk voorzegd. Wel zegt Jezus soms dat Hij Zijn jongeren nog niet alles vertelt, omdat ze het dan nog niet kunnen dragen of begrijpen; maar later zullen ze het wel begrijpen en dan zal de Geest 'indachtig maken', in herinnering roepen.

Perspectief

De Heere Jezus neemt Zijn jongeren in vertrouwen; Hij ziet een glimp van verwarring op hun gezichten. Ze voelen dat er wat aan gaat komen, maar wat en hoe weten ze niet. Hij tilt als het ware hun kin op en laat ze omhoog kijken: "In het huis van Mijn Vader zijn volop verblijfplaatsen… er is ruimte genoeg!" Waarom wijst Hij ze daarop? Hij had toch ook kunnen troosten met: "Ik ga sterven, maar Ik zal weer opstaan"? Dat heeft Hij eerder ook al gedaan, maar blijkbaar gaf het niet echt perspectief bij de discipelen. Sterven hoorde niet bij hun plaatje over Gods Koninkrijk.
Vlak voor de maaltijd hadden ze gekibbeld over wie de meeste zou zijn in dat Koninkrijk. Ze gunden elkaar haast geen plek; nu zegt Jezus: "Er is daar plaats genoeg! Voor jullie én voor alle gelovigen, zovelen als er de HEERE onze God toe roepen zal" (zie de Kanttekeningen).

Transparant

Ik kan me voorstellen dat de gedachten van bijvoorbeeld Johannes de denker koortsachtig zullen zijn gaan werken, op zoek gaand naar woorden die Jezus eerder zei. Had Hij weleens eerder zoiets gezegd?
In Johannes 12 : 25-27 had Jezus gezegd: "Die zijn leven liefheeft, zal hetzelve verliezen; en die zijn leven haat in deze wereld, zal hetzelve bewaren tot het eeuwige leven. Zo iemand Mij dient, die volge Mij; en waar Ik ben, aldaar zal ook Mijn dienaar zijn. En zo iemand Mij dient, de Vader zal hem eren. Nu is Mijn ziel ontroerd; en wat zal Ik zeggen? Vader, verlos Mij uit deze ure! Maar hierom ben Ik in deze ure gekomen."
Jezus had gesproken over Zijn dood; die zou zijn als een tarwekorrel die in de aarde begraven werd, maar daarna zou hij gegarandeerd veel vrucht dragen. Hij had toen ook op een merkwaardige manier over perspectief gesproken.
Maar hoe dan ook, nooit had Jezus gezegd dat er niet genoeg plaats zou zijn in dat Koninkrijk van God. Nooit heeft Hij het accent willen leggen op 'het zijn er maar weinig' op 'een klein groepje' of 'witte raven'; al helemaal niet over een 'misschientje' of 'ik hoop het maar'. Dat zijn menselijke bedenksels. Jezus is transparant, en hier wel op z'n best: "Als het niet zo zou zijn, dan zou Ik het u hebben gezegd." Geen kleine lettertjes, geen dubbele agenda, geen dubbele bodem of holle woorden. Waarom maken mensen in de wereld, maar ook in de utra-orthodoxe kant van de kerk die woorden dan altijd weer verdacht? Waarom moet het accent telkens weer zo snel mogelijk liggen op 'ja, maar…' Als Jezus transparant is, dan is Hij dat om reden van Zijn liefde voor zondaren. En als Hij transparant is over de hemel, dan is Hij dat ook over de hel! Of zwakken we dat ook liever af?

Daadkracht

Nu kun je beschouwelijk praten over de hemel en zeggen dat er daar ginds plek zat is. Lekker makkelijk. Je moet er nog wel komen en dan pas zul je zien of het zo is. Maar Jezus roept niet zomaar wat: Hij onthult iets van Zijn komende werk. Hij zal ten hemel opvaren om daar plaats te gaan bereiden.
Hoe Hij dat gaat doen, laat Hij voor nu even in het midden, maar dát Hij dat gaat doen is zeker en vast! Hij gaat er plaats 'bereiden', 'klaarmaken' of 'in orde brengen'. Dat wekt direct de vraag op: is het dan nog niet volmaakt in de hemel? Zijn ze daar niet voorbereid op onze komst? Er was toch een eeuwige Raad van God; Hij wist toch van te voren wie zalig zouden worden en wie niet?
Wel, ik denk dat dat klaarmaken niet zozeer te maken heeft met onze voorstelling van: een paar stoelen erbij zetten, zodat iedereen straks kan zitten. Ik denk dat het vooral te maken heeft met de toegangstickets die moeten worden geregeld.
Als jij straks bij de hemelpoort aankomt, zul je niet je eigen kaartje meebrengen, maar Hij heeft het kaartje al geregeld. Je wist het al, want Hij had het op aarde al in je hart gefluisterd. Je was ook helemaal niet bang dat het mis zou gaan, dat Hij het vergeten zou of dat het kaartje toch niet geldig bleek. Nee, Jezus heeft alles op orde! Daar is Hij transparant over; Hij toont daadkracht: wat Hij belooft dóet Hij ook. En die zekerheid biedt perspectief. Daar kunnen we vandaag in de kleine, onnozele dingen op aarde nog veel van leren!

Dat prachtige lied uit de bundel van Johannes de Heer zingt het zo:

Ieder uur, iedere stap brengt ons nader
Bij de grens van leven en dood
Heeft de Heiland uw paspoort getekend
Met Zijn bloed dat Hij reddend vergoot?

Nog is het tijd
De Heer heeft genâ
De toegang is vrij door Golgotha
Jezus ging voor
Hij wacht aan de grens
Is uw paspoort getekend,  o mens?

Gij kunt zelf de tol niet betalen
Zilver en goud verliest daar zijn macht
Slechts het kruis in uw paspoort geeft toegang
Tot het land waar de Heiland u wacht

Nog is het tijd
De Heer heeft genâ
De toegang is vrij door Golgotha
Jezus ging voor
Hij wacht aan de grens
Is uw paspoort getekend, o mens?

Het is nu het uur der beslissing
Ieder toont dan zijn ware gezicht
O, geloof in de Heiland Uw redder
En Hij voert  U naar ’t eeuwige licht

Slechts het kruis in uw paspoort geeft toegang
Tot het land waar de Heiland u wachtTot het land waar de Heiland u wacht

vrijdag 15 juli 2016

Denk jij wel eens na over je begrafenis?

"…Mijn vader heeft mij doen zweren, zeggende: Zie, ik sterf;
in mijn graf, dat ik mij in het land Kanaän gegraven heb, daar zult gij mij begraven!
Nu dan, laat mij toch optrekken, dat ik mijn vader begrave, dan zal ik wederkomen."
Genesis 50 : 5

Vader Jacob het met Jozef afgesproken hoe hij wilde begraven worden en vooral wáár: in de graftombe of -spelonk van Machpéla. Bij zijn ouders en grootouders en zijn vrouw Lea. Er was voor Jacob veel aan gelegen dat hij juist dáár zou worden begraven; dus de locatie was belangrijk. Ook was het belangrijk bij wie hij werd begraven: bij het verbondsvolk. Tenslotte was het belangrijk dat die begrafenis de sfeer ademde die paste bij Jacob en de HEERE. Daarom bepaalde Jacob nog tijdens zijn leven wíe die begrafenis ging uitvoeren. Nota bene de veregyptischte zoon Jozef! Moet je toch eens over nadenken.

Een Egyptische begrafenis; afbeelding uit het Dodenboek dat rond 1300 v. Chr. werd gemaakt (de tijd van Jozef)


Naast deze elementen, die een bezinning zijn op het begraven worden, staan we ook nog kort stil bij die merkwaardige laatste woorden in onze tekst: "…daarna zal ik weer terugkomen." Als we dat artikel, waar ik gisteren aan refereerden nog eens goed lezen, zullen we zien dat dat niet een terloopse opmerking is, alsof Jozef wilde zeggen: "Het duurt maar even, hoor."

Waar je begraven wordt

Jacob was ervan overtuigd dat hij spoedig ging sterven. Toen hij naar Egypte trok had de HEERE gezegd dat Hij met Jacob zou meegaan. Als Hij met je meegaat, is het de beste weg. Als Hij de weg afsluit, moet je niet proberen koste wat kost toch te proberen om die weg verder te lopen. Maar… als de HEERE je toestemming geeft die weg te vervolgen 'voor een tijd', dan ligt daarin ook de belofte en zekerheid dat Hij met je verder zal gaan of zelfs weer zal terugkeren.
Toen Jacob aan God vroeg of hij naar Egypte mocht verhuizen – zijn vader en opa hadden daar namelijk ook al geen beste ervaringen mee – had God beloofd dat Hij mocht gaan en dat Hij met hem mee zou gaan én… dat Hij Jacob weer terug zou halen. Dat moet Jacob vreemd in de oren hebben geklonken. Hij stelde God geen vragen maar ging gehoorzaam. Achteraf weten we dat deze belofte tweemaal is vervuld: bij Jacobs begrafenis en bij de exodus onder leiding van Mozes.
Jacob had Jozef laten zweren dat hij niet in Egypte begraven wilde worden. Jozef moest dat zweren. Je krijgt de indruk dat hij niet alleen de begeerte uitsprak om 'thuis' in Kanaän te worden begraven, maar ook de afkeer om in Misraïm (Egypte) te worden begraven in ongewijde grond. Hij laat Jozef namelijk uitdrukkelijk beloven dat het níet Egypte mocht worden. En zo geschiedde.
Je denk onwillekeurig: maakt dat nou echt uit in het licht van de Jongste Dag? Het zou mij inderdaad niet echt uitmaken… ik woon nu in Schoonhoven en ben best van deze stad gaan houden. Mijn graf mag hier zijn. Maar als ik ooit nog verhuis naar een ander deel van de wereld, mag mijn graf gerust daar zijn. Je zou nog kunnen overwegen dat je daar wil worden begraven, waar je kinderen je graf enigszins gemakkelijk kunnen bezoeken om hun herinneringen en verdriet daar te kunnen delen.
Maar in het licht van de Jongste Dag maakt het volgens mij niet echt uit waar je ligt begraven. De bazuin zal klinken en de doden, wellicht uit een massagraf of van de bodem der zee, zullen opstaan en de HEERE zien op Zijn heerlijke troon met Zijn duizenden engelen. Dát is waar het heengaat. Ik hoef niet meer begraven te worden voor de Gouden Poort van Jeruzalem… immers de Messias is al gekomen. Voor Jacob was de begraafplek verbonden met de komende Messias. Dat is het verschil.

Bij wie je begraven wordt

Echter… toen mijn vader onlangs werd begraven in het graf van zijn ouders en waarin ook zijn zoon, mijn broer, was begraven (tussen opa en oma in) vond ik het wel een prachtige locatie; en ik was blij dat die mogelijkheid al enige jaren geleden was besproken met mijn ouders, zodat het op dat moment kón gebeuren! Een emotionele binding met de locatie. En ook te midden van mensen, opa en oma en mijn broer, die echt bij mijn vader hoorden. Dat raakte met bijzonder.
Ook Jacob wilde bij zijn ouders, zijn grootouders en bij zijn eerste vrouw begraven worden. Nota bene de vrouw die wel zijn eerste was, maar zijn tweede keus: Lea! Hoe de band met Lea was tijdens hun leven weet ik niet, maar het lijkt een beetje op Hannah - Elkana - Peninnah. De anti-chemie tussen de broers en Jozef moet een doorvertaling zijn geweest van de merkwaardige relationele verhoudingen in Jacobs huwelijksleven. Des te merkwaardiger dat Jacob juist in die spelonk Lea heeft begraven en er zelf ook bij begraven wilde worden. Heeft hij dat gedaan met het oog op de band met ál zijn kinderen. Ik blijf dat graf van Rachel ook apart vinden. Zij is zomaar langs de weg in een graf begraven; waarom ook niet in Machpéla? Als het lichaam van Jacob over zo'n enorme afstand kon worden getransporteerd naar Machpéla, waarom dat van Rachel daar vlakbij Bethlehem dan niet? Ook vind ik het apart als juist Rachel wordt aangehaald bij de kindermoord in Bethlehem. Ter nagedachtenis aan haar worden nog woorden in de Bijbel genoemd; aan Lea niet. Ik durf niet stellig te beweren dat Jacob weloverwogen te werk is gegaan bij de begrafenis van Rachel, maar ik twijfel er wel aan. Niettemin laat hij haar rusten en wil nu zelf, weloverwogen, in het familiegraf begraven worden. Als familieclan in afwachting van de komende Messias. Maar voordat ik daar een conclusie aan verbind, kijk ik met een vraagteken boven mijn hoofd naar de plek waar Jozef in opdracht van Jacob zal moeten worden begraven. Waarom daar? En waarom pas bij de exodus? Veel vragen. Misschien dat het te maken heeft met die dubbele belofte van God dat Hij Israël (Jacob) en Israël (het volk) zal terughalen naar Kanaän. De eerste bij deze begrafenis; de tweede in de gedaante van de mummie van Jozef die bij Sichem zal worden begraven over 400 jaar. Alleen? Of werden er nog anderen bij Jozef begraven? Daarover misschien later.

Door wie je begraven wordt

Nog kort iets over 'door wie je begraven wordt'. Jacob kiest heel bewust en specifiek voor Jozef als uitvaartorganisator. In dit hele hoofdstuk lijkt Jozef de enige die een actieve rol speelt. Geen overleg met de broers; ze lopen er wat sullig achteraan. Niemand die zijn mond open trekt… ze laten het gedwee over zich heenkomen. Ze moeten toezien dat een hele serie Egyptenaren het werk doen en zelfs meereizen naar Machpéla. Dat moet me een lijkstoet geweest zijn!
Voor Jacob maakte het dus best heel erg uit wie de begrafenis deed. Zo wist hij dat het zou plaatsvinden op de wijze die bij hem paste. Een uitvaart moet tot eer van God zijn, maar moet ook iets eigens hebben van de overledene. Heb je al eens zo over je eigen uitvaart nagedacht? Wat wil je bij anderen – collega's, vrienden, familie, bekenden – achterlaten vanuit jouw rouwdienst en begrafenis? Het is de enige mogelijkheid om mensen na je dood nog iets mee te geven. En op dát moment zijn al die mensen het meest ontvankelijk voor het Evangelie. Neem dat eens mee, als je nadenkt over de tekst van je begrafenis (ook al is er menselijkerwijze nog geen reden om aan te nemen dat je vandaag of morgen zult overlijden), de Psalmen en liederen die je zou willen laten zingen? Wie wil je de inhoudelijke leiding geven? Hoe zou je willen dat er gesproken wordt?
Uitvaartorganisaties hebben boekjes waarin je allerlei dingen alvast kunt optekenen, zodat je kinderen en andere nabestaanden niet alle zelf moeten uitvogelen. Goed om af en toe eens stil te staan bij je eigen begrafenis… of schrik je daarvan? Toch is het écht bijbels om te doen; Jacob gaat je hierin voor!

Na de begrafenis

Tot slot lezen we die merkwaardige woorden in vers 5: "…dan zal ik wederkomen." Dat staat er niet voor niets. Jozef was duidelijk van positie veranderd, hoewel hij nog wel wat aanzien genoot. Het kwam niet helemaal uit de lucht vallen dat een paar generaties later die toenmalige Farao op generlei wijze wil dat het volk Egypte verlaat.
In Genesis 50 lijkt namelijk ook een soort kleine exodus op handen. En als ik mij niet vergis heeft Farao zijn geverfde wenkbrauwen even hoog opgetrokken. "Weg uit Egypte? Naar Kanaän? Voorgoed?" De woorden van Jozef lijken bedoeld als een soort geruststelling aan het adres van Farao. Om er zeker van te zijn dat ze allemaal weer terugkeerden (Jacobs clan vormde best een aanzienlijk onderdeel uit van de Egyptische samenleving; leverde ook een goede bijdrage; pas later zou de Farao hen als een bedreiging zien, omdat hij Jozef – en dus de motieven van deze bevolkingsgroep – niet had gekend) stuurde Farao ook eigen personeel en troepen mee. Het feit dat Jozef zijn eigen huishouding wilde meenemen zorgde denk ik voor onrust aan het hof van Farao. Ze hadden in Egypte best last van rovers. Ook de Hyksos, een semitische bevolkingsgroep uit Azië, waren een forse bedreiging geweest een tweetal eeuwen geleden. Zulke overheersingen wil je niet nog een keer in je rijk! Vandaar deze voorzorgsmaatregelen wellicht. Jozef echter wil openheid van zaken geven en dat pas een kind van God! Wees transparant en roep met je (wellicht plotse) gedrag geen onnodige vragen op!

  1. Al eens over je eigen begrafenis nagedacht? En ook al eens met anderen over gesproken? Wat vind je daar eigenlijk van?
  2. Welke waarde heeft voor jou de plek waar je begraven zult worden? En wat vind jij belangrijk om na te laten bij anderen?
  3. Is jouw gedrag op je werk transparant, inzichtelijk? Hoe ga je met collega's of gemeenteleden om die liever niet transparant en open willen werken?

maandag 23 november 2015

Wat moet jij van Jezus halen?

Censura Morum: "Ga heen, roep uw man, en kom hier (weer terug)", geschilderd door Giovanni Lanfranco (1582-1647)

"Jezus zeide tot haar: Ga heen, roep uw man, en kom hier."
Johannes 4 : 16

Een week van voorbereiding. Hoe beleef je dat? Zelfonderzoek, hoe pak je dat aan? Dit vooropgesteld: we worden opgeroepen tot het onderzoeken van onszelf, maar juist dán merk je hoe listig je hart is. Je geweten is vaak een goede richtingaanwijzer. Maar meer dan eens moet de Heilige Geest krachtiger druk op je uitoefenen, voordat je écht in de spiegel wil kijken. Het gaat sinds Genesis 3 niet echt meer vanzelf: eerlijk naar jezelf kijken. Het zit er sinds datzelfde Genesis 3 ook niet zo gemakkelijk meer in om eerlijk tegen God aan te kijken. Lijk jij ook op die Samaritaanse vrouw?

Levend Water

Alweer zo'n merkwaardig antwoord van de Heiland. De vrouw is verbouwereerd over het feit dat Jezus blijkbaar al water heeft en dat haar wil aanbieden. Maar direct flapt ze eruit: "Geef mij dat water dan maar…" In haar beleving proeft ze dat bijzondere water al met haar tong…
Totdat haar kaken op elkaar klappen, als Jezus Zich niet voorover bukt – om de een of andere kruik water te pakken die Hij achter Zich had verstopt – maar haar juist recht in de ogen kijkt en messcherp zegt: "Haal je man!" In plaats van dat Hij de vrouw dichterbij laat komen, stuurt Hij haar weg en sluit Hij Zijn bevel af met een tweede bevel: "Kom weer terug!" Daar kom ik in het tweede gedeelte op terug.
Het Levende Water dat Hij haar aanbiedt is juist een pijnplek in haar 'Morum', haar zedelijke leven. Levend Water, het ziet op de Heilige Geest en Zijn werk. Maar ook op de heiligmaking, die onlosmakelijk verbonden is met de rechtvaardigmaking. Levend Water is de enige manier van geestelijk leven na Genesis 3! Drinken van dat water kan pas na de doodsteek aan de zonde. Vandaar dat Jezus de vrouw wegstuurt om die doodsteek te gaan laten toebrengen. Ga heen, onderzoek uzelf…
Maar direct komt ze erachter dat ze dat niet zal redden in haar eentje… Zie je dat Gods Geest onmisbaar is en dat rechtvaardigmaking en heiligmaking onlosmakelijk verbonden zijn aan elkaar?
Haar dorst, veroorzaakt door de zonde, moet eerlijk openbaar komen voor God. Pas dán kan Hij die dorst lessen. En reken erop dat Hij lessen kan!
Wat zal de vrouw doen? Rechtovereind blijven staan? Of woedend uitvaren tegen Jezus: "Begint U nu ook al? Ze wijzen me in Sichar allemaal al na. Ik wordt gek van iedereen!"? Stampvoetend of juist met kaken op elkaar doorgaan met water putten?
We zullen het in een komende Bijbelstudie zien. Voor nu is belangrijk hoe Jezus aanzet tot zelfonderzoek; en leg er je eigen zelfonderzoek eens naast.


Censura Morum

Op refoweb kun je lezen dat de term 'Censura Morum' letterlijk 'onderzoek naar de zeden' betekent. Met verbazing heb ik daar gelezen – het is blijkbaar een blinde vlek op mijn hervormde netvlies – dat vanuit de Dordtse Kerkorde dit slechts een zaak van ambtsdragers onderling was. In veel 'afgescheiden' kerken fungeert dit zo en wordt het ook niet afgekondigd vanaf de kansel. Maar, zo las ik, "er zijn kerken, vooral in hervormde gemeenten, waar Censura Morum breder is en gemeenteleden ook bezwaren in kunnen dienen tegen leer en leven van andere gemeenteleden." Volgens mij is dat juist uiterst belangrijk om het sacrament van het Avondmaal ook heilig te houden. De praktijk is overigens wel, dat daar zelden iemand komt, wanneer enkele of alle ambtsdragers op de afgesproken tijd van Censura Morum zitten te wachten. En áls er al iemand komt, dan zal hem of haar steevast worden gevraagd of er al een gesprek is geweest met degene tegen wie men belastende getuigenis wil afleggen. Toch acht ik de hervormde wijze wel de meest gezonde. Zo houdt je openheid en transparantie in de gemeente. Al is een gesprek met je wijkouderling of wijkpredikant eveneens een goed moment om zorgen op het gebied van de 'Morum' te delen.

Maar, hoe het ook plaatsvindt in jouw gemeente, het zelfonderzoek waar het in de voorbereiding op aankomt, is ten diepste een 'Censura Morum' van jezelf. Hoe staat het met de relatie tussen mij en God? Strijd ik tegen de zonde en is voor mij elke struikeling in de zonde van harte leed? En geloof ik Gods beloften zonder reserve? En hoe staat het met de relatie tussen mij en mijn naaste?

Nog één ding, waarop ik zou terugkomen. Jezus' bevel klinkt: "Ga heen … en kom hier!" Zijn dat geen prachtige woorden van oordeel en genade? Klinken in die laatste drie woorden niet Zijn innerlijke bewegingen van barmhartigheid? Hoor je de trilling in Zijn stem ook? De hunker dat je de zonde ontdekt in je leven en afzweert, maar dan ook zult terugkeren (bekeren)? "Ik heb grotelijks begeerd dit Avondmaal ook met jou te vieren!" Ga heen, want het moet; zo kan het niet doorgaan… Maar kom terug, want je hebt het nodig, Mijn kind. Breek met de zonde, beken, belijd en laat. Ook die zonde van verachtering in de genade, van lauwheid en oppervlakkigheid. Wees ervan overtuigd dat je het niet zelf kunt; heb Me nodig in jouw strijd tegen de zonde. Want Ik maak jouw strijd tot de Mijne. Kom, laten we eten. Een voorproef van Mijn Bruiloftsmaal, wanneer Ik je nooit meer hoef weg te sturen! Ga… en kom!