Posts tonen met het label valkuil. Alle posts tonen
Posts tonen met het label valkuil. Alle posts tonen

donderdag 5 november 2015

Op de vlucht voor succes?


Vluchten voor je succes?


"Als dan de Heere verstond, dat de Farizeeën gehoord hadden, dat Jezus meer discipelen maakte en doopte dan Johannes; (hoewel Jezus zelf niet doopte, maar Zijn discipelen), zo verliet Hij Judea, en ging wederom heen naar Galilea."
Johannes 4 : 1-3

Als je de dagtekst leest zou je haast denken dat Jezus wegvlucht voor het succes. Hordes mensen lopen Hem na. Dit is toch precies wat Hij zou moeten willen? "Komt allen tot Mij…"; maar nu ze komen, vertrekt Hij en keert terug naar Zijn woongebied Galilea.

De valkuil van succes

Het Evangelie verkondigen is een prachtig werk. Maar wat, als er veel mensen onder je gehoor komen, speciaal voor jouw preken? Wat, als gemeenteleden je ophemelen en je kwaliteiten breed uitmeten. Wat, als je geen kwaad bij hen kunt doen? Als er nooit eens een is die je vraagt waarom je dit zus doet en dat zo? Waarom je dit vergeet, dat nalaat. Apollos was zo'n welsprekend en gevierd prediker. En toch had hij de gave van de Heilige Geest om zich te laten onderwijzen door gemeenteleden als Aquilla en Priscilla. Ze wezen hem op nalatigheden en mankementen. Niet om hem onderuit te halen, maar om hem te laten groeien, te laten ontwikkelen in het preken. En zo nóg dienstbaarder te zijn in het Koninkrijk van God. Prachtig toch?
Hoeveel predikanten, voorgangers en sprekers die enig succes ervaren, gaan naast hun schoenen lopen. De toehoorders hebben ze nodig om zich succesvol te voelen. Ik vrees dat er ook verschillende oudvaders in die valkuil zijn gestapt. De zichtbare problemen ontstaan, wanneer er een kritische opmerking wordt gemaakt over de lezing of preek. Men beschouwt het als kritiek, afbrekende kritiek. Maar het werkelijke probleem zit dieper en ligt al veel eerder op de loer: men is zichzelf tot een middelpunt gaan verheffen. Het Evangelie staat niet werkelijk centraal. En zo is een klinkende preek uiteindelijk een vals-luidende schel.
En wat je aan zowel de over-bevindelijke kant als aan de over-evangelische kant ziet: men doet aan klantenbinding. Er worden geestelijke problemen gecreëerd zowel in de levensheiliging als in de rechtvaardigmaking. En het resultaat is dat God op grote afstand komt te staan, mensen aan het dwalen gaan en er sprake is van geesteloosheid, dorheid en verachtering in de genade. Het is niet erg veel verschillend van wat wij met het milieu doen: we buiten het uit, zonder dat we ons rekenschap geven van ons rentmeesterschap. Dus: wat is de insteek van ons gemeente-zijn, de kerkdiensten en alle kerkelijk werk? Misschien goed om op dit zijspoor van deze tekst eens te overdenken.

De valkuil voor Jezus

Maar is dit aan de orde in de tekst? Is Jezus op de vlucht voor het succes van Zijn optreden. Misschien vind je die vraag raar, maar toch komt dit hier en daar in het Evangelie aan de orde, wanneer je dit soort dingen leest: "Maar Jezus Zelf betrouwde hun Zichzelven niet, omdat Hij hen allen kende" (Joh. 2 : 24). En op meerdere plaatsen lezen we dat Jezus Zichzelf wat uit het zicht houdt, wanneer de schare in extase dreigt te raken. Zo ook op het laatste Paasfeest in Jeruzalem. Is dat ook hier in onze dagtekst aan de hand? Of distantieert Hij Zich, om Johannes de Doper meer ruimte te geven?
Nee, het probleem zat niet in wedijver met Johannes of vrees voor de schare die euforisch was over Jezus, maar het probleem zat 'em in de farizeeën die voortdurend zichzelf als werktuigen van satan aanboden om Jezus maar op een ander tijdstip en onder andere omstandigheden dan Hij Zelf had bedacht, uit de weg te ruimen. Jezus doet er bij wijze van spreken weinig moeite voor. Hij trekt gewoon weg. De Kanttekeningen wijzen erop dat er geen wedijver is van Jezus ten opzichte van de farizeeën, maar wel andersom: de farizeeën ten opzichte van Jezus. "Zij vreesden dat zij hun aanzien bij het volk meer zouden verliezen door Jezus, dan inmiddels geschied was door Johannes; en dat zij daarover met nijdigheid en haat tegen Hem hoe langer hoe meer ontstoken werden". Om hen niet al te zeer te tarten – en dus nog genadetijd en tijd van inkeer te geven – week Jezus van hen en keerde terug naar de streek waar Hij was opgegroeid.

De valkuil voor christenen

Jezus had met Zijn goddelijke almacht kunnen blijven waar Hij was. Wie zou Hem eigenlijk ooit iets kunnen doen, wat Hij niet wilde? Vind je het ook niet vreemd dat Jezus wegvlucht? Had Hij niet juist nu en daar Zijn almacht kunnen tonen? De farizeeën kunnen wegvagen of en-masse tot bekering brengen? Had Hij niet… had Hij… Nee, Zijn ure is nog niet gekomen.
Wij mensen – en christenen zijn daar zeker niet een uitzondering op – houden wel van vuurwerk, krachtwerk en succes. Maar dat is een grote valkuil. Voortijdige overwinning – die misschien wel alle kracht heeft gevergd, die later nog nodig blijkt te zijn – is niet altijd de juiste en totale overwinning. Jezus wacht Zijn tijd af. Niet geslepen zoals satan, niet listig als een slang, een sluipmoordenaar of een roofdier, maar kalm, Zijn tijd afwachtend.
Christenen zouden ook wat meer dat terughoudende geduld moeten hebben én tegelijk een secure inschatting van de tijd, waarin ze leven. Je hoeft niet altijd in actie te komen, om actief christen te zijn. Je hoeft niet altijd te spreken om wat te zeggen. Weloverwogen, vastberaden en vooral doelgericht: op Hem! Daarmee zeg ik niet dat christenen er vooral het zwijgen toe moeten doen. Juist in deze eindtijd moet het Evangelie helder en duidelijk hoorbaar klinken.
Maar waar ik op doel is dat het teveel voorkomt dat christelijke voorgangers, leiders en zegsmannen in de ban komen van hun 'succes' en daarmee onbruikbaar worden. Ja, het Koninkrijk van God soms grote schade berokkenen, hoewel ze dat natuurlijk niet bewust gewild hadden. De satan gaat rond… we moeten de tijd uitkopen en soms uitkoken… En we leven in een tijd waarin veel achter de schermen gebeurt, in lobby-circuits. Ook in kerkelijke structuren. Denk aan de vorming van de PKN en zoveel trammelant meer. Waakt en bidt en kijk vooral kritisch naar je eigen motieven. Waarom doe ik het? Moet ik dit wel doen? Is dit de juiste tijd? Proef je nieren! Bid en sta stevig in de verdrukking die veelkoppig is.

dinsdag 1 september 2015

Hemelsgezind leven, de Hemel op aarde



“Indien Ik ulieden de aardse dingen gezegd heb, en gij niet gelooft, hoe zult gij geloven, indien Ik ulieden de hemelse zou zeggen? En niemand is opgevaren in den hemel, dan Die uit den hemel nedergekomen is, namelijk de Zoon des mensen, Die in den hemel is.”
Johannes 3 : 12-13

Met welke motieven wil jij praten over geestelijke zaken? Om indruk te maken? Om toch vooral heel refo te lijken? Of juist om alles onder kritiek te zetten en geloof in God irreëel af te schilderen? Praten over geestelijke zaken vereist ook een levende band met Christus, een toegang tot Gods Vaderhart en de voortdurende inwerking van de Heilige Geest. Jij bent het niet die geestelijke dingen bedenkt, maar Hij is het die deze gedachten in je hart ingiet. En nooit zal deze inspiratie bron van verheffing zijn, maar van vreugde en de drang anderen er op te attenderen.

Valkuil voor vleselijken

Oppervlakkig vers 12 lezend overkomt jou misschien hetzelfde als mij. Ik meende dat Jezus zei: “Als je de aardse dingen al niet snapt, hoe wil je de hemelse dan snappen.” Dat zou dan dus een brug te ver zijn, te hoog gegrepen voor jou. Maar dat zegt Jezus niet; Hij zegt: “Als je al niet tot geloof komt door wat Ik in aardse bewoordingen zeg, hoe zul je dan wel gaan geloven als ik met hemelse woorden je oproep tot bekering en wedergeboorte?” Het gaat niet in eerste instantie om bevattingsvermogen maar om geloof.
Vleselijke mensen – ook heel spirituele of bevindelijke mondchristenen – zien geestelijke kennis als een bezit. Ze gebruiken de Gods Woord als een spoorboekje en hanteren de wet om de wet zelf. Daarmee vallen ze direct door de mand. Helaas hechten velen er toch geloof aan omdat deze mondchristenen zo indringend, bevindelijk, geestelijk, spiritueel of inspirerend praten. Ze zeggen zulke bijzondere dingen… of zulke vertrouwde 'waarheden'. Daar ligt de valkuil voor vleselijke religieuzen en daar ligt evenzeer een gevaar voor zoekers die nog niet kunnen onderscheiden. Laten we oog hebben voor deze zoekers die hierdoor dreigen te verdwalen!

Begeerte van bekeerden

Hoe belangrijk is het dat zoekers aan Jezus’ voeten terecht komen. Dan vallen wij als ‘begeleiders’ weg en we vinden een vreugde en vertroosting in het feit dat ze daar zijn waar ze op hun beste plek zijn! Bekeerden, levendgemaakten of hoe je ze ook wilt omschrijven, gaan opleven als ze hun Meester horen spreken in Zijn Woord. Als ze goed over Christus horen preken en als ze als schapen de stem van de Herder herkennen. Ben jij zo’n schaap van deze Goede Herder?
Dan gaat je hart sneller kloppen als het over Hem gaat in de preek, in de lectuur die je leest en vooral als je Zijn Woord leest. Dan wordt je getrokken naar gesprekken waarin goed wordt gesproken over Hem. Het gaat immers over Hem Die jij liefhebt en Die vooral jouw liefheeft.
En het verlangen naar Hem wordt steeds sterker. Je voelt je al meer vreemdeling op aarde. Omdat je merkt dat hier een heel andere geest heerst, een vijandige geest. En die geest doet ook iets met jouw hart. Voortdurend is er de strijd en al meer komt je wandel (het besef waar je thuishoort) in de hemel te liggen. Maar zolang je leeft heb je een taak. Neem het maar zoals het staat over Samuël en over de Heere Jezus zelf: zij namen toe ik kennis en genade, zowel bij God als bij de mensen! Er zit ontwikkeling in een christenleven. Het blijft niet steken in het hier en nu, maar – net als bij de Avondmaalsviering – hef je je hart telkens weer op naar de hemel, waar Christus is. Ja, daar ben je thuis. Hoe lang nog hier beneden? Hoe lang nog omringd en aangetast door de zonde? Hoe lang nog verkeerde gedachten van God? Hoe lang nog zoveel onrecht en benauwdheid in deze wereld?

Gunning door geestelijken

In dit licht komt er een andere visie op het leven en op geestelijk kennis. Je ziet mensen om je heen in de kerk, die tastend in het schemer, zo niet in het duister, hun weg gaan. Er komt geen doorbraak, het blijft maar bij zuchten en steunen. Wat gun je ze het volle licht van Gods genade! Het volle zicht op de Schrift. Wat bid je vaak om de doorbraak van Gods Geest in hun leven, zodat ze in ruimte worden gesteld. En wat kan het teleurstellend zijn als dat niet gebeurt of niet lijkt te gebeuren. In dat opzicht heb ik grote moeite met predikers die dan al gauw roepen: we moeten Gods tijd maar afwachten. In zekere zin is dat wel zo, Gods plan is het doorslaggevende stramien en Zijn tijd is zo vaak niet onze tijd. Maar het probleem dat ik heb met dit soort gemakkelijke uitspraken is dat mensen snel lijdelijk worden gemaakt. De Bijbel vuurt ons juist aan tot aanhoudend gebed, alsof ons leven ervan afhangt. Je gunt anderen geen duisternis en je kunt er ook niet mee leven als mensen laconiek en traag worden (gemaakt)! De satan vindt dat namelijk een prima idee, wanneer mensen vooral lijdelijk afwachten. Wees godsdienstig en doe vooral niets… Hij misbruikt zelfs die Bijbelse waarheid dat Gods tijd de beste tijd is!
Met de laatste woorden in vers 13 wordt de aandacht toch uiteindelijk van Johannes de Doper afgevoerd naar de Zoon des mensen Zelf. Hij is het die als geen ander weet wat hemelse zaken zijn. Hij weet als enige hoe het zit, hoe het in de hemel is en eraan toe gaat. Je voelt wel aan dat je bij Christus aan het meest juiste en enig juiste adres bent. Wat is er nog veel te leren en wat kan Hij die ervaring en kennis goed doceren en doseren! Kom erbij en neem plaats aan Zijn voeten. Ook aan Zijn tafel mag ik aan Zijn voeten zitten en op Hem gericht zijn. Hij heeft grotelijks begeert… zou ik dan niet grotelijks begeren? Ik gun je diezelfde intense begeerte naar Hem. Hij is de hemel op aarde en vertegenwoordigt de aarde in de hemel.