Posts tonen met het label bekering. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bekering. Alle posts tonen

dinsdag 15 december 2015

Een driedubbel wonder in het tweede teken

Rondom het Meer van Galiléa spelen zich veel voorvallen met Jezus af.
Kapernaüm (Capernaum) was jarenlang zijn woonplaats.

"En hij geloofde zelf en zijn gehele huis.
Dit tweede teken heeft Jezus wederom gedaan, als Hij uit Judéa in Galiléa gekomen was."
Johannes 4 : 53b-54

Goed kijkend naar de tekst valt mij iets op. Er wordt gesproken over een 'tweede teken'; dat betekent dat er dus ook een 'eerste teken' was. En het woordje 'wederom'; Jezus deed opnieuw een teken in Galiléa, nadat Hij Judéa achter Zich liet. Lees ik dat goed? Betekent dat iets belangrijks? Laten we eens gaan kijken.

Tweede teken, eerste wonder: de genezing

Dit 'tweede teken' blijkt volgens deze geschiedenis, te bestaan uit drie wonderen. Allereerst wordt dus gesproken over 'dit tweede teken'. Wat is het eerste teken geweest? Wel, dat was de verandering van water in wijn op de bruiloft te Kana. De vraag is: waarom wordt dit zo specifiek verteld? Naar mijn weten worden nergens wonderen of tekenen opgeteld. Er wordt ook niet doorgeteld, al zijn er uitleggers die dat wel doen; zij zien in die 'tekenen' die Jezus doet een betekende lijn (die tekenen vertellen samen dus een verhaal).
Dit is wat ik tegenkwam op oudesporen.nl Ik geef er direct bij aan, dat dit dicht bij inlegkunde komt; toch is het wel goed hier notie van te nemen en zo de tekst nog eens te bekijken.

Overzicht van de acht tekenen
  1. Water in wijn veranderd (Joh. 2:1-11): Overvloed van vreugde na het herstel van Israëls relatie met Jahweh in de eindtijd.
  2. Genezing van de zoon van een (Romeinse) hoveling (Joh. 4:46-54): Herstel van een gelovige rest (ook uit de volken), redding van de dood en nieuw leven door het geloof in Jezus’ woord.
  3. Genezing van een man die 38 jaar lang ziek was geweest (Joh. 5:1-18): De macht van de Zoon om levend te maken wie Hij wil, en dat tegenover de krachteloosheid van de wet die door bemiddeling van engelen was gegeven.
  4. Spijziging van de vijfduizend (Joh. 6:1-15): Christus, het ware manna, is het brood uit de hemel dat eeuwig leven geeft aan een ieder die gelooft. Hij is ook de Messias, die de armen van Zijn volk met brood verzadigt (Ps. 132:15).
  5. Jezus loopt op de zee (Joh. 6:16-21): Christus is de Meester van de stormen van de eindtijd, en Hij brengt de Zijnen veilig aan land.
  6. Genezing van de blindgeborene (Joh. 9): De Messias opent de ogen van het blinde volk, opdat zij Zijn heerlijkheid zien en Hem aanbidden (Jes. 35:5).
  7. Opwekking van Lazarus (Joh. 11:1-44): Herrijzenis en herstel van geheel Israël in de eindtijd (Ezech. 37; Dan. 12; Rom. 11:25vv.).
  8. Tweede wonderbare visvangst (Joh. 21:1-14): Een grote menigte uit de volkerenzee wordt ook gered en in het Vrederijk ingevoerd
Wat je hiervan ook vindt, feit is dat er in onze tekst wordt gesproken over 'tweede teken' en niet over 'tweede wonder'. Ik citeer opnieuw die bijbelstudie van Hugo Bouter, die uitlegt wat het verschil is tussen wonder en teken:
"Alle tekenen zijn tegelijkertijd ook wonderen, d.w.z. bovennatuurlijke werkingen van Gods macht. Het gaat hierbij om het opzienbarende effect dat wonderen hebben op degenen die ze waarnemen. Maar niet alle wonderen zijn tegelijk ook tekenen, want de Bijbel koppelt bijzondere lessen aan de tekenen. Er ligt specifiek onderwijs opgesloten in de tekenen, want er worden geestelijke lessen door meegedeeld. Bij de tekenen die in het evangelie naar Johannes beschreven worden, is dit heel duidelijk het geval en is er naast het bovennatuurlijke karakter en de werking van Gods macht steeds een speciale ‘be-teken-is’ op te merken.

De beperkte selectie van tekenen die in dit evangelie zijn beschreven (acht in totaal), heeft als doel dat wij zouden geloven ‘dat Jezus de Christus is, en dat wij gelovend het leven hebben in Zijn naam’ (Joh. 20:30-31). Het gaat steeds om wonderwerken die:
(1) de godheid van Christus onderstrepen,
(2) Zijn heerlijkheid openbaren,
(3) opdat wij door het geloof in Hem en in Zijn werk het eeuwige leven ontvangen.

Tweede teken, tweede wonder: de bekering

Binnen dit tweede teken gebeuren er een aantal dingen. De gezondmaking van de zoon van Chûsas is eigenlijk nog maar het voorportaal van het grote wonder dat daarop volgt: de bekering van Chûsas' hart. De HEERE had, zo zagen we al eerder, de ziekte van de jongen gebruikt om Chûsas bij Hem te krijgen. In een andere bijbelstudie las ik iets dat met nog niet was opgevallen: Jezus had dertig jaar in Nazareth gewoond en toen Hij op Zichzelf wilde gaan wonen, koos Hij Kapernaüm uit. Let erop: dat was ook de woonplaats van Chûsas! Al die tijd had Jezus vlakbij gewoon, maar nu loopt Chûsas de weg van Kapernaüm naar Kana om Jezus om genezing te vragen! Er was dus al 'voorwerk' gedaan door de HEERE. En Chûsas wachtte niet tot Jezus weer thuis was. Het feit dat Jezus juist in Kana was, zou de herinnering aan het eerste teken dat Hij deed kunnen hebben veroorzaakt. Wie weet dat hij zelfs dacht dat, als Jezus dáár is, gebeuren er wonderen; daar moet ik dus bij zijn!
Het verzoek om de genezing van zijn zoon had echter veel ingrijpender consequenties. Zijn hele leven zou veranderen, meer nog dan de gezondheid van zijn zoon. En niet alleen werd Chûsas bekeerd, ook zijn gehele huis(gezin) werd gelovig en diende de HEERE. Net als bij Lydia in Filippi en ook de stokbewaarder daar. En ik vermoed ook bij Cornelius. Wat een enorm wonder. Hier mag een vreemdeling uit de heiden (althans vermoedelijk is hij een Romein). Eerst geloofde de vrouw uit Sichar 'en heel haar stad', nu gelooft een hoveling aan het hof van Herodes 'en heel zijn huis'.
En dan te bedenken dat Jezus daar na verloop van tijd weer vlakbij in de stad gaat wonen. Wat is het heerlijk in de nabijheid van de Heere Jezus te verkeren. Pas na je bekering ga je de diepe waarde daarvan zien en ervaren. Ik snap wel dat Johanna Jezus is gevolgd naar Jeruzalem. Ze wilde net als Maria Magdalena de Heere Jezus vlakbij haar houden. En samen met nog enkele vrouwen zorgden ze voor Hem, onderweg, zodat Hij alle tijd voor de dienst aan Zijn Vader kon hebben. Wat moet dat Jezus goed hebben gedaan. Wat jammer dat de Roomse Kerk deze vrouwen tot half-goddelijk heeft verheven. Het was 'slechts' "al wat gedaan werd uit liefde tot Jezus".

Tweede teken, derde wonder: de lokalisering

Er is nog iets wonderlijks in onze dagtekst. Dit tweede wonder deed Hij opnieuw, toen Hij in Galiléa aankwam, nadat Hij Judéa achter Zich gelaten had. Dat woordje 'wederom' vind ik op een opmerkelijke plek staan. Er staat niet enkel dat Hij een wonder deed, maar dat Hij dat 'opnieuw' deed toen Hij Judéa verwisselde voor Galiléa. Wat kan dat betekenen?
In Judéa had Hij misgunning ervaren en rivaliteit. Zijn tijd was nog niet gekomen en de akker van het geloof was er alles behalve toebereid. Je zou nog kunnen denken dat Hij dit tweede teken op de weg vanuit Judéa naar Galiléa deed, nadat Hij het eerste teken in Sichar had gedaan; dus twee tekenen op dezelfde weg naar Galiléa. Maar dat betekent het niet. Het is een herhaling van een eerder teken.
Was dat dan het teken in Kana? Inderdaad. Voorafgaand aan het verhaal van de bruiloft in Kana (Johannes 2) lezen we in Johannes 1 dat Jezus discipelen uitkiest. En dan lezen we dit in vers 44: "…des anderen daags wilde Jezus heengaan naar Galiléa, en vond Filippus…" Later zal Hij ook Nathanaël vinden die zo stellig zei: "Kan uit Nazareth (lees Galiléa) iets goeds komen?" Ja, daar kon zeker iets Goeds uit voort komen. Nadat Jezus Zijn goddelijke almacht had getoond, door hem te zeggen dat Hij Nathanaël al had gezien, nog voordat Filippus hem riep, nam Hij hem mee op zijn reis naar… Galiléa. Kom dan maar, Nathanaël en zie dat uit Galiléa iets Goeds kan komen. Hij nam hem en de andere discipelen mee naar die bekende bruiloft en toonde hem dat eerste teken van Zijn almacht.
En nu, opnieuw na een reis vanuit Judéa naar Galiléa, toont Hij hem het tweede teken van Zijn almacht. "Opdat gij gelovende het leven hebt!" Kan uit Galiléa iets goeds komen? In ieder geval is uit Judéa niet veel beters te verwachten. Jezus stelt hier Zijn 'geboortegrond' tegenover Zijn 'jeugdomgeving'. En hier prefereert Hij nog tot het uiterste dat verachte Galiléa. Maar laten ze daar niet prat op gaan! Want weldra zullen ze Hem uit de synagoge gooien en gooien ze de deur naar Zijn hart bijna dicht! "En gij, Kapernaum, die tot den hemel toe verhoogd zijt, gij zult tot de hel toe nedergestoten worden!" Hij was gezonden tot het volk dat in duisternis wandelde, opdat het het grote Licht zou zien, maar het heeft niet gewild. Wat een waarschuwing! Zo dicht bij en toch zo ver af!

maandag 9 november 2015

Een buitenbeentje komt water halen

Waterputten is een intensief werk dat moeilijk kan concurreren met de kraan in huis.


Het was omtrent de zesde ure. Er kwam een vrouw uit Samaria om water te putten.
Johannes 4 : 6c-7a

We gebruiken teveel water. De komende jaren zal de prijs van drinkwater (waarmee we ook de vaat doen en douchen) flink stijgen. Als je je drinkwater helemaal buiten de stad uit een put zou moeten halen en met een kruik op je schouder naar huis zou moeten zeulen, ja, dan zou je heel wat minder water verbruiken. Om over stroom en gas maar te zwijgen!

Waterverbruik

Afgelopen week werd bij ons de waterleiding vernieuwd. Vier dagen na het aansluiten op de nieuwe waterleiding moesten we het water gedurende 3 minuten koken. Een heel gedoe en bij onze kinderen gat het nogal wat gestress over de drinkbaarheid van het water na die dagen. De meest extreme ideeën spookten rond over zogenaamde beestjes in het water en waar die dan bleven, wanneer je het kookte. Echter, het was slechts een veiligheidsvoorschrift, omdat er een kans bestond dat het water even niet veilig je huis binnen zou komen, na het overzetten van de waterleiding.

Op zo'n moment kijk je naar de flessen en emmers water die alvast getapt zijn voordat de overzetting plaatsvindt en je denkt: hoe ging dat vroeger? Hygiëne was sowieso een nog onontgonnen gebied. Vies drinkwater kan je gezondheid inderdaad in gevaar brengen. Maar is met de kraan werkelijk alles beter geworden? En hoe kwetsbaar zijn we als een of andere terroristische beweging ergens in de buurt de waterzuivering saboteert? Niet teveel over nadenken, maar toch spoken die verhalen wel door je hoofd.
Ook het verbruik van water is explosief toegenomen ten opzichte van vroeger. Het is allemaal zo gemakkelijk geworden, je draait de kraan open en er stroomt zomaar koel en schoon drinkwater uit. Hoe gaan we om met dat water? En denken we nog wel eens aan mensen die dit moeten ontberen? Waar een vieze put de enige toevoer van drinkwater is. Of misschien is die put nog wel schoon, maar moet je door de verzengende hitte je water gaan halen, kilometers van je huis verwijderd? De pomp op de brink of het dorpsplein is ver verleden tijd. Ik verlang er niet naar terug, maar toch is het goed om deze dingen eens te bedenken. Om dankbaar te zijn voor de kraan in huis, waar zomaar koud en warm water uit stroomt. Voor ons gemak zelfs geholpen door een mengkraan of thermostaatkraan in de douche. Op het moment dat je combiketel in storing schiet merk je hoe kort je lontje is over het water dat maar niet warm wordt, precies als jij wilt gaan douchen of – erger nog – als je net je haar in shampoo hebt zitten en wilt gaan uitspoelen!
God danken voor de luxe van mijn watergebruik… ik zou het haast zijn vergeten. Deze tekst hielp het mij weer te herinneren.

Herinnering

Sichem of Sichar herinnert ons, in combinatie met Jacob, aan nog een bijzonder moment. Toen Jacob terugkwam in het land Kanaän, vestigde hij zich vlakbij Sichem. Plots verschijnt de HEERE aan hem en draagt hem op om naar Beth-El terug te reizen. Daar was God aan hem verschenen en Jacob krijgt de opdracht om er een altaar te gaan bouwen. Maar voordat het hele gezelschap op reis gaat, roept Jacob ze eerst samen voor een stuk bezinning en bekering. Er waren inmiddels nogal wat afgodische zaken zijn huisgezin binnengekomen. Je zou daar een heel actuele Bijbelstudie over huisgodsdienst van kunnen maken, maar dat wijdt nu te veel uit. Waar het mij om gaat is dit, wat we lezen in Genesis 35 vers 2-4:

"Toen zeide Jakob tot zijn huisgezin, en tot allen, die bij hem waren: Doet weg de vreemde goden, die in het midden van u zijn, en reinigt u, en verandert uw klederen; en laat ons ons opmaken, en optrekken naar Beth-el; en ik zal daar een altaar maken dien God, Die mij antwoordt ten dage mijner benauwdheid, en met mij geweest is op den weg, die ik gewandeld heb. Toen gaven zij Jakob al die vreemde goden, die in hun hand waren, en de oorsierselen, die aan hun oren waren, en Jakob verborg ze onder den eikeboom, die bij Sichem is."
Jacob had dus nog iets anders gegraven dan alleen een waterput. Hij had er ook een put gegraven om er de afgoderijen die zijn gezin waren binnengekomen in te begraven. Hij had korte metten gemaakt met de zonde in zijn leven en gezin. En nu zit hier de grote Zoon van Jacob, wachtend op de vrouw die hier naar Hem komt toelopen, om ook in haar leven schoon schip te zullen gaan maken. Ze beroemde zich erop een nazaat van 'vader Jacob' te zijn. Welnu, volg hem dan ook hierin! Maar tot dit moment is zij zich nog niet bewust van de grote ommekeer die er voor haar 'deur' staat!

Buitenbeentje

Ik wil je nog op één detail wijzen. Het is de zesde ure, midden op de dag. Wie komt er nu op het snikheetste tijdstip van de dag water putten? Je zou er zo overheen lezen, maar het staat er volgens mij niet voor niets. Dat Jezus hier bij de put zit, doet wel vermoeden dat er wat bomen om deze put hebben gestaan. Immers, het is onverstandig om, wanneer de zon op haar heetst is, in de felle zon te gaan zitten.
Maar de vrouw moet met haar waterkruik wel het hele stuk lopen tussen de stad en de put. Waarom zou ze juist dit tijdstip uitkiezen? Zou haar zondige levensstijl daar misschien mee te maken kunnen hebben? Zou ze de roddels van de buren, de afkeurende blikken en wijzende vingers van haar stadsgenoten wellicht willen ontwijken?
Dan is het wel heel bijzonder, dat Jezus vooraf Zijn discipelen naar de stad heeft gestuurd om eten te halen, zodat hij precies op dit 'veilige' moment deze vrouw alleen treft. Zorgvuldig uitgekozen, dit pastorale bezoek. De stadsgenoten kunnen dan wel wijzen, roddelen en afkeuren, maar Jezus ontvangt de zondaren en zondaressen en praat met hen!
Zijn wij echte christenen? Lijken we op onze Heere en Heiland, waar het dat opzoeken betreft én waar het het oproepen tot bekering en wederkeer betreft?

zaterdag 27 juni 2015

Komt eruit wat erin zit?

"En het geschiedde ten einde van enige dagen, dat Kaïn van de vrucht des lands den HEERE offer bracht. 
En Habel bracht ook van de eerstgeborenen zijner schapen, en van hun vet."
Genesis 4 : 3-4a

Vroeg of laat komt eruit wat erin zit, zegt men vaak. Ik betwijfel of dit altijd zó opgaat als hoe men het stelt. En ik twijfel ook, wanneer er iets negatiefs uitkomt, of dat er altijd zó onderhuids heeft gezeten. Er zijn gevallen waarin er karaktertrekken ontstaan die we nog niet kenden of vermoedden. Wat jaloezie losmaakt of wat macht met mensen doet, kan soms een raadsel voor hen zijn. Natuurlijk is alles te verklaren vanuit de erfzonde en is het nog een zegen van genade dat er niet uitkomt wat er aan zonden kunnen zijn. Maar sommige omstandigheden veranderen een mens en maken hem tot een raadsel voor zijn omgeving en voor zichzelf.

Hoe goed was Abel?

Vandaag komen we de beide broers tegen op hun werkterrein. Hoe voeren ze hun werk uit? Beiden hebben een seizoen van hard werken achter de rug en willen de HEERE danken voor Zijn zegeningen. Het is geweldig mooi, wat we lezen bij Job, dat hij voor zijn kinderen offert en bidt, omdat ze mogelijk zondigden tijdens het feestvieren. Maar dit, wat we lezen over de kinderen van Adam en Eva is mooier. Kaïn en Abel hebben zich hun godsdienstige opvoeding eigen gemaakt en offeren nu zelfstandig aan de HEERE. Dat moet een verheugend beeld zijn geweest voor vader Adam en moeder Eva.
Zou Eva diep van binnen misschien meer blij zijn geweest over Kaïn dan over Abel? Van Abel lag het zo in de lijn van hoe en wie hij was. Maar dat ze daar Kaïn ook uit zichzelf God ziet aanbidden en offeren, is dat misschien voor haar toch bijzonderder? Een moeder voelt aan als haar kind innerlijk andere neigingen heeft en keuzes maakt. Als je merkt dat het niet van zelfsprekend is dat je eigen kind de HEERE ook dient, net als jij, dan baart dat zorg en vult dat je gebeden. En als je dan toch ziet dat je kind uit eigen beweging de HEERE een offer wil brengen, kan dat verbazingwekkend verblijden.
Over Abel maakte ze zich veel minder zorgen. Er waren zoveel meer momenten, waarop hij blijk gaf van zijn liefde tot de HEERE. De vragen die hij stelde, de keren dat hij zijn hart luchtte en sprak over wat de HEERE hem had laten zien en horen. Hij hoefde nooit aangespoord te worden tot de dienst aan de HEERE. Bij al dat goede bouwde Abel ook meer goodwill bij zijn ouders, ter compensatie voor de momenten waarop hij toch in zonde viel. Misschien was Abel wel net zo'n jongen als Jozef of Daniël, waarover je eigenlijk maar weinig zondigs leest. Een zegen voor zijn ouders, maar… wel een vertekend beeld van de werkelijkheid van doorsnee kinderen. Ze vormen namelijk helaas uitzonderingen. Ook bij Abel moeten Adam en Eva iets hebben herkend van hun eigen zondeval. Natuurlijk zullen ze hun kinderen gewaarschuwd hebben voor de valkuilen waarin zij zelf vielen, maar er zijn nog zoveel meer valkuilen. Niet in de laatste plaats in het godsdienstige zelf.
Na de preek van vanmorgen over Saulus van Tarsen, moest ik aan diens ouders denken. Wat zullen ze blij zijn geweest over zijn toegewijdheid aan de dienst van de HEERE. Hij was echt een Hebreeër uit de Hebreën, naar de ijver der wet een farizeër; een zoon waarmee je in de kerk voor de dag kunt komen. Voor je het weet een zoon, waarmee je als ouders iets wordt en die zo niet meer voldoende en objectiefwordt bekeken, gestimuleerd en gecorrigeerd. Waar ouders gerust zijn over hun kind, dreigt een levensgroot gevaar dat kinderen met open ogen een verkeerde weg inslaan. Het gevaar van 'veilige scholen', 'veilige jongerenavonden uit eigen kring', 'veilige vrienden' en 'veilige lectuur'.
Hoe Abel is opgevoed vertelt de Bijbel ons niet. Of Adam en Eva hem kritisch ter zijde stonden, weet ik evenmin. Maar bij alles wat we van Abel lezen, moet worden gezegd dat hij buiten het paradijs was geboren en het wonder van Gods Geest in hem niet was te danken aan zijn inspanning en geestelijke geaardheid. Daarentegen was dit offeren voor Abel wel een heel vanzelfsprekende zaak geworden. Hij had geleerd hoe de HEERE gediend wilde worden, door de inscherpende werking van opvoeding en Gods Geest. Het dankoffer dat Abel bracht was, getuige Gods oordeel, een eerbiedige erkentenis van eigen onwaardigheid en diepe vreze des HEEREN. Hij had God lief met een volkomen hart. Gods offers zijn een gans verbroken hart door schuld en genade getekend.

Hoe slecht was Kaïn?

Om maar direct met de deur in huis te vallen, Kaïn was niet slechter dan Abel en Abel was niet beter dan Kaïin. Ik denk dat psychologen een aardig rapport zouden kunnen schrijven over Kaïn en zijn ontwikkeling. Hij groeide op als oudste in het gezin. Moest daarom ook de meeste verantwoordelijkheid dragen en moest die vooral ook al heel vroeg dragen. Hij moest het goede voorbeeld zijn voor de kinderen die na hem werden geboren. Althans, dat is de valkuil in veel gezinnen vandaag de dag en dat hoor ik ook van veel gezinnen uit de generaties voor ons. De cultuur in het oosten was daar in zekere zin ook debet aan, omdat de oudste ook het grootste deel van de erfenis kreeg. Veel oudste zonen zetten het bedrijf van hun vader voort. Of dat ook in het gezin van Adam en Eva zo was, weet ik niet. Er was voor hen nog geen draaiboek over opvoeding. Er was geen vergelijkingsmateriaal met andere gezinnen. Zij moesten het doen met én wat God in hen had overgelaten na de zondeval én wat zij biddend van de HEERE als leiding en advies kregen.
Kaïn – zo vermoed ik uit onze tekst – gaf het goede voorbeeld aan Abel, want er staat dat Kaïn offerde en dat Abel 'ook' offerde. Kaïn gaf het gewenste goede voorbeeld. Nu zou de HEERE toch wel extra blij met hem zijn, zoals zijn ouders ook extra blij met hem zijn, wanneer hij een goed voorbeeld aan de andere broers en zussen geeft. En daar gaat het mis.
De HEERE oordeelt anders dan wij mensen; ook wij als ouders. In dat oordeel werkt de HEERE ook opvoedend. En nu is het de vraag, in het vervolg van de geschiedenis, wat Kaïn daarmee doet. Voor nu is belangrijk te stellen dat beide broers offerden van hun eigen oogst. Het probleem zit hem niet in de dingen die werden geofferd, maar in de selectie ervan en het hart erachter. Dat zal blijken. Er staat dat Kaïn, net als de oudste zoon, netjes volgens de regels offert, maar dat Abel iets extra toevoegt: "van de eerstgeborenen van zijn schapen en hun vet". Dat laatste kan letterlijk 'vet' betekenen, maar het betekent hier vrijwel zeker 'het beste'. En dat kon zowel gelden van dieren als van gewassen. Dus het zat nogmaals niet in wát ze offerden, maar hoe zorgvuldig ze het beste voor de HEERE uitkozen. Later zal de HEERE daarop wijzen als Hij instructies geeft voor de offerdienst in de tabernakel.
In zeker zin zit er een verband tussen Kaïn en Annanias en Zaffira. Of in ieder geval tussen Kaïn en de oudste zoon uit de gelijkenis. Kaïn deed zijn ding, godsdienstig. En daarmee was de kous af. Abel was niet zo snel klaar. En… dat zullen we in de volgende verzen lezen, de HEERE verdoemt Kaïn daarmee niet, maar Hij wijst hem en zijn offer af. Er breekt een leermoment aan; de HEERE laat hem merken dat Hij Kaïn niet alleen nauwlettend in de gaten houdt, maar ook tot rede wil brengen en terug wil roepen. Maar intussen is er iets binnengeslopen in Kaïn. Hij werd niet gewaar dat hij naakt was, zoals zijn ouders dat merkten, maar hij werd gewaar dat hij erbuiten stond. En dat zette kwaad bloed. Net als bij Saul, die merkte dat de HEERE met David was en niet met hem; in zijn beleving was er maar één oplossing: David moest dood. En Kaïn?
En jij, als je merkt dat je hart nog buiten de zegen van de HEERE staat? Wat doet het met je, als je anderen de HEERE met vrucht ziet dienen, terwijl het bij jou koud en leeg blijft? Sla je de Bijbel dan maar dicht en doe je net alsof God niet bestaat? Stop je met de dienst aan Hem, omdat je denkt toch niet aan de juiste verplichtingen te kunnen voldoen? Of roep je tot de HEERE net als Bartimeüs: "Jezus, Gij Zone Davids, ontferm u over mij!" Doe vooral dat laatste, want als de HEERE je van je erbarmelijke staat wil overtuigen, dan wil Hij je juist terugroepen naar Zijn Vaderhart. Geloof je dat?