Posts tonen met het label aangezicht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label aangezicht. Alle posts tonen

dinsdag 30 juni 2015

Wat doe je als de zonde voor je deur ligt?

"En de HEERE zeide tot Kaïn: Waarom zijt gij ontstoken, en waarom is uw aangezicht vervallen?
Is er niet, indien gij weldoet, verhoging? en zo gij niet weldoet, de zonde ligt aan de deur.
Zijn begeerte is toch tot u, en gij zult over hem heersen."
Genesis 4 : 6-7

"Ga eerst eens even zitten en bekijk de situatie rustig van een afstandje," zo vertelde een van mijn directeuren me enige tijd geleden. Die les had hij geleerd van zijn leermeester. "Het voorkomt dat je in het wilde weg dingen gaat doen, gejaagd naar oplossingen zoekt en zo een deel van de mogelijkheden niet eens in beeld hebt." Ga eerst eens even zitten… Het is alsof de HEERE aan Kaïn zo'n zelfde advies heeft. Waar kijken ze dan samen naar?

Een confronterende vraag

Het is haast een grapje, de tegenstelling die de HEERE tekent; ware het niet dat Hij bloedserieus is, wanneer Hij Kaïn achterna gaat en tot rede wil brengen. Tegenover het naar beneden gerichte, mokkende gezicht van Kaïn plaatst God de verhoging die er wacht, wanneer hij zal breken met de zonde en kiest voor 'weldoen'. Kaïn kijkt naar beneden, naar de aarde; God tilt als het ware Kaïns hoofd omhoog en laat hem opkijken naar de hemel.
We zijn in dergelijke situaties misschien snel geneigd om omzichtig te werk te gaan, niet al te direct; de kool en de geit sparend. De HEERE niet: "Waarom ben je boos? Ik zie het aan je gezicht; het is verwrongen van haat!" Zo'n zelfde confronterende vraag als Hij stelde aan Jona: "Is uw toorn billijk (terecht) ontstoken?"
Direct het mes erin. Ik zal niet zeggen dat dat altijd werkt, maar wees er wel altijd duidelijk in dat je niet van zin bent om om de hete brei heen te draaien. Stel aan je kinderen directe en concrete vragen. Maar laat ze merken dat liefde de drijfveer en het motief van je confronterende vragen is. Ik geeft toe dat dat soms erg lastig is. Als clubleider of -leidster speel je wel een andere rol, dan als ouders. Als ouders maak je je kinderen langer mee dan als clubleiding. In dat laatste geval is het soms ook zoeken naar 'andere' momenten dan die clubavond die vaak omvliegt en waarbij je ook je aandacht bij de les moet hebben. Het gesprek kan dan niet zomaar uitlopen.
Concrete vragen, als er pijn en moeite is; confronterende vragen, als er boosheid en zelfs onredelijke kwaadheid is. Tussen jongeren of… tussen een jongere en jou als leider/ouder. In het geval van Kaïn zette God hem als het ware op een bankje langs de weg neer en zette het mes er direct in. Scherp en toch… liefdevol. Wij hadden Kaïn misschien allang afgeschreven, maar onze tekstwoorden laten toch echt wel Gods liefdevolle pogingen zien om hem tot bedaren te brengen.

Een kalme overweging

De HEERE zet de dingen helder op een rijtje; geef eens eerlijk antwoord, Kaïn: is het niet zo dat… Eigenlijk zet je op deze manier voor die ander even de dingen helder tegenover elkaar. Je verbindt oorzaak en gevolg met elkaar, daad en beoordeling. Welk resultaat wil je bereiken? Verhoging of verwerping?
Nou, de HEERE omzeilt dat geladen woord zelfs. Hij spreekt over 'de zonde ligt aan de deur'. Als je het goede kiest – in dit geval ten opzichte van Abel – dan ontvang je verhoging, geluk. Maar als je bewust voor het kwade kiest – de haat tegen Abel met alle gevolgen van dien voor Abel – dan laat je de zonde, die op de loer ligt voor de deur van je hart, zijn gang gaan. En dan is de ramp niet te overzien, Kaïn! Welk doel wil je bereiken? Het schuurt haast tegen het punt van Kaïns vrije wil aan. Wat zal Kaïn kiezen? Of… vind je dat een remonstrantse gedachte en wuif je dat zonder na te denken weg met "Kaïn kan gewoon niet anders kiezen dan het kwade, want hij heeft een onbekeerd hart". Zou dat een ware constatering zijn? Zouden we daarmee recht doen aan Gods welmenende roeping? Wordt Zijn lokking dan niet juist uiterst sarcastisch? Gebruik niet te snel clichée-dogmatische termen om deze tekstwoorden in te kleuren. Welk beeld schets je dan van de HEERE? En klopt dat beeld met Hemzelf? Ik zeg niet dat Kaïn nog een vrije wil had; maar… de HEERE komt daar wel heel dicht bij; wellicht om hem te laten voelen dat hij die vrije wil is verspeeld en het dus helemaal van de HEERE moet leren verwachten!

Een mogelijke toekomst

"Is er niet, indien gij weldoet, verhoging?" Wat een bijzondere woorden! De Kanttekeningen beperken die 'verhoging' tot de toekomst die hem als eerstgeborene te wachten stond:
"Dat is, zult gij niet [als de eerstgeborene] verheven en verhoogd blijven boven uw broeder? Of anders vertaald: zult gij uw hoofd of aangezicht niet vrijelijk opsteken, in plaats dat het nu nedergeslagen of zo ontvallen is? Sommigen vertalen het met: Aanneming, aangenaamheid, of vergeving, overeenkomstig de verschillende betekenissen van het hebreeuwse woord."
Zou de HEERE dát bedoelen met deze woorden? Ik vraag het me eerlijk gezegd af; dit doet toch wat te kort aan Gods bedoeling. De woorden zijn niet enkel op aardse eer gericht, maar ook en vooral op de glorierijke toekomst in Gods heerlijkheid. Natuurlijk belooft de HEERE ook aan Zijn verbondsvolk dat, wanneer ze in Zijn geboden en inzettingen wandelen, zij een stil en gerust, ja een lang leven zullen hebben in het land dat Hij hen geeft. Maar het blijft niet steken in materialisme, in materiële voorspoed.
"Indien gij weldoet"; het woord 'weldoen' heeft ook de betekenis van 'vrolijk zijn' en 'aangenaam zijn'. Daar heb je die lijn weer, die we ook zagen in de vorige bijbelstudie: God zag het offer en de persoon van Abel aan, Hij had er een vermaak in. Zo is het ook met wat Hij aan Kaïn uitlegt: "Als je maakt dat Ik een vermaak in je heb… dan is er verhoging". 'Verhoging' betekent verheffing of waardigheid, maar is gerelateerd aan een ander woord dat 'opheffen' of 'dragen' betekent. De God des heils, Die Zich aan Kaïn bekend maakt zal in Psalm 68 worden bezongen als de God Die ons dag aan dag draagt. Zijn zorg, als je Hem tot vermaak bent, zal je door alles heen dragen, levenslang. Wat een stil en gerust leven heb je dan!

De HEERE wijst in het vervolg van het vers er nog op dat Kaïn krachtens de eerstgeboortezegen zal 'heersen' over zijn broer. Hij hoeft dus helemaal niet bedrukt te zijn of bang voor verlies van zijn positie op aarde. Dat heersen hoeft niet negatief te zijn, hoor! Deze orde heeft de HEERE in het eerstgeboorterecht ingezet. Kaïn, je hebt – zo stellen de Kanttekeningen – niets te mopperen of te toornen, want Abel zal er genoegen in hebben dat jij de eerste zult zijn en in de familie de eerstverantwoordelijke. Daarmee is Abel ook geacht zijn oudere broer lief te hebben en te dienen. De oudste broer mag stedehouder van God op aarde zijn. Heerschappij over de schepping en degenen die aan hem zijn toevertrouwd. En dat met het oog op het heil van zowel Kaïn als Abel.
Welnu, wat is je keuze, Kaïn? Wil je heersen en tegelijk gedragen worden door God Die je tot deze taak roept? Of loop je weg van je verantwoordelijkheid en daarmee ook van je zegen?
Tot dat moment was het, menselijkerwijs gesproken, nog een mogelijke toekomst voor Kaïn. Voordat we gaan zien wat Kaïn kiest, de vraag: wat kies jij? Ga eerst eens even zitten en bekijk jouw situatie rustig van een afstandje… en overweeg wat tot je eeuwige vrede zal dienen!

zaterdag 7 februari 2015

Hoe zal ik überhaupt verschijnen voor God?

"En het geschiedde, als Elia dat hoorde, dat hij zijn aangezicht bewond met zijn mantel, en uitging, en stond in den ingang der spelonk."
1 Koningen 19 : 13a


Zijn we nog wel voldoende doordrongen van Gods heiligheid? En zo ja, is ons leven dan ook een heilig leven?


Hoe zul je God kunnen ontmoeten, als zondaar? Ik hoop dat je aanvoelt dat dat niet zomaar gaat. De joden hadden daarvoor een heel duidelijk illustratie in de tabernakel en de tempel: het voorhangsel, dat dikke gordijn dat scheiding maakte tussen God en zondaren. Zelfs geheiligde priester moesten afstand bewaren; enkel de hogepriester, nadat hij zich gereinigd en geheiligd had, mocht eenmaal per jaar in het Heilige der Heilge komen. Heb ik het mis, dat we dat best wel kwijt zijn in onze cultuur en tijd? Sterven is God ontmoeten, maar we stellen het toch niet tot dát moment uit om Hem onder ogen te komen?

Onderwonden

Toen Abraham sprak met de drie 'mannen' die bij hem op bezoek kwamen, onderweg naar Sodom en Gomorra, gebruikte hij een merkwaardig woord: "Zie toch; ik heb mij onderwonden te spreken tot den Heere, hoewel ik stof en as ben" (Genesis 18 : 27 en 31). Dat woord komt slechts in Handelingen 19 nog een keer voor, waar duivelbezweerders de Naam van Jezus gebruiken, zonder er in te geloven.
Dat woord 'onderwonden' intrigeerde me vroeger al. Ik zag het heel concreet voor me, dat Abraham een doek om zijn onderlichaam wond, uit diepe eerbied voor de heilige God. Tot ik leerde dat het woord iets totaal ander betekende: ondernemen of aandurven, zo je wilt lef tonen, maar wat Abraham betreft wél met eerbied gemengd. Hij had het aangedurfd om met de HEERE te spreken. En dat liet God toe.
We lezen niet dat Abraham op de aarde viel en zijn gezicht bedekte voor de Heilige God. Hij keek met eerbied de twee engelen na en zag de HEERE naar de hemel terugkeren. Na verloop van tijd keerde hij zich om en liep terug naar zijn tent, bij Sara. Nergens een uiting van verbijstering of angst. Hij had gesproken met God en God sprak met hem als een man met zijn vriend. Wonderlijk toch?

Onomwonden

Toen Mozes veertig dagen en veertig nachten bij God op de berg Horeb was geweest, keerde hij terug tot het volk. Die bedekten hun gezicht, want het gezicht van Mozes was oogverblindend. Het schitterde: "Zo zagen dan de kinderen Israëls het aangezicht van Mozes, dat het vel van het aangezicht van Mozes glinsterde; derhalve deed Mozes het deksel weder op zijn aangezicht, totdat hij inging om met Hem te spreken" (Exodus 34:35).
Mozes had het zelf niet door, maar merkte het uit de reactie van het volk. Dat was een aantal jaren geleden wel anders. Toen was God al aan Mozes verschenen bij de braambos. We lezen in Exodus 3 : 6 "Hij zeide voorts: Ik ben de God uws vaders, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob. En Mozes verborg zijn aangezicht, want hij vreesde God aan te zien."
Het deksel, of de sluier (staat er eigenlijk in de grondtekst) waarmee Mozes zijn gezicht omwond, maakte dat het volk weer durfde te naderen en te luisteren. Blijkbaar moet God Zich wel gedeeltelijk verbergen, om met ons te communiceren. Wel eens goed om over na te denken. Als Hij alles zou tonen van Zijn heerlijkheid, zouden we verteren. Dat vertelde Hij ook aan Mozes, die Gods aangezicht wilde zien (in Exodus 33:20): "Gij zoudt Mijn aangezicht niet kunnen zien; want Mij zal geen mens zien, en leven." Toch – en daar heb je dat 'onderwinden' weer – durfde Mozes te vragen om Gods aangezicht te zien. Hij begeerde dicht bij de HEERE te zijn. Hij verlangde naar de dag dat het deksel weggenomen zal worden, de scheiding tussen de heilige God en de onheilige mens opgeheven. Ken je dat verlangen? Naar de onomwondenheid?


Om Zijn wonden

Mozes werd door de HEERE in Exodus 33 veiligheidshalve in een kloof van een steenrots gezet, toen Hij voorbijtrok. Elia is op dezelfde plek! In eenzelfde situatie, hoewel zijn begeerten toch anders getoonzet waren dan die van Mozes! Daarom valt Elia nu ook op de grond en wind zijn mantel om zijn gezicht. Zelfs met zijn ogen dicht is de gloed te intens om aan te kunnen. Hoe zou je überhaupt voor God kunnen verschijnen? Die mantel was niet afdoende. Naast dat ze zonden weg moesten tussen Elia en de HEERE, was er nog iets nodig. Er moet nog steeds iets bedekt worden om Gods heerlijkheid te kunnen verdragen, zonder te sterven. Waarmee moet je dan bedekken?
We kunnen God enkel onder ogen komen, doordat onze onheiligheid omwonden, verborgen en verzoend, is door Christus' offer en wonden. Enkel 'in Christus' kan God ons aanzien. En dan niet zo, als menig mens zou reageren: "Nou, okee dan." Maar van harte, volkomen, zonder enige reserve. Anders zou het offer van Christus maar nauwelijks, of net niet, voldoende zijn! Weet je hoe kostbaar Jezus' wonden zijn? Ze zijn je paspoort…


Vind je ook dat we te weinig rekenen met Gods heiligheid? Of ervaar je juist dat het in jouw kerk/gemeente teveel die kant op hangt en dat er dus te weinig aandacht is voor de volkomen verzoening die in Christus is; de verzoening, waardoor wij vrijmoedigheid mogen opvatten om tot de troon der genade te gaan, dagelijks? Zie je hoe belangrijk een evenwichtige preek en een evenwichtig zicht op de HEERE nodig is. Check daarom je bibliotheek, digitaal en papier, of daar de juiste balans in zit. Check wat je hoort, zegt en ervaart. De juiste balans is van levensbelang voor jezelf en voor anderen. Hoe zul je anderen in balans kunnen brengen, als je zelf in onbalans leeft?


Psalm 32 vers 1, 4 en 6

Welzalig hij, wiens zonden zijn vergeven;
Die van de straf voor eeuwig is ontheven;
Wiens wanbedrijf, waardoor hij was bevlekt,
Voor 't heilig oog des HEEREN is bedekt.
Welzalig is de mens, wien 't mag gebeuren,
Dat God naar recht hem niet wil schuldig keuren,
En die in't vroom en ongeveinsd gemoed,
Geen snood bedrog, maar blank' oprechtheid voedt.


Gij zijt mij, HEER, ter schuilplaats in gevaren;
Gij zult mij voor benauwdheid trouw bewaren;
G' Omringt me, daar Gij mij in ruimte stelt,
Met blij gezang, dat mijn verlossing meldt.
Mijn leer zal u, o mens, naar't recht doen hand'len,
En wijzen u den weg dien gij zult wand'len;
Ik zal u trouw verzellen met mijn raad,
Terwijl mijn oog op u gevestigd staat.


Rechtvaardig volk, verheft uw blijde klanken,
Verheugd in God, naar waarde nooit te danken;
Zingt vrolijk, roemt Zijn deugden t' allen tijd,
Gij, die oprecht van hart en wandel zijt.