 |
| Stilleven met bijbel, Vincent van Gogh, 1885 |
"En
Kaïn bekende zijn huisvrouw, en zij werd bevrucht en baarde Henoch;
en
hij bouwde een stad, en noemde den naam dier stad naar den naam zijns
zoons, Henoch."
Genesis 4 : 17
 |
| Het graf van Vincent van Gogh en van zijn broer Theo op de begraafplaats van Auvers-sur-Oise |
Vandaag is het de 125e sterfdag van
Vincent van Gogh. En mijn 46e verjaardag. En vandaag staan we stil bij
de geboorte van Henoch, de zoon van de zwerver Kaïn die een stad aan het
bouwen was, terwijl zijn vrouw in het kraambed lag. Drie bijzondere
lijnen die ik bijeen wil brengen in deze overdenking.
De gedenkdag
Vandaag,
125 geleden, kwam er een einde aan het rusteloze leven van Vincent van
Gogh. Er zal wel altijd enige sluier over het einde van zijn leven
blijven liggen. Sinds enige tijd ben geïnteresseerd in zijn leven, zijn
werk en onlangs bezocht ik een tentoonstelling van zijn werk in het
Kröller-Müller museum:
Vincent & Co.
Wat moet er zich allemaal hebben afgespeeld in zijn hoofd! Ik probeerde
daar iets van te ontdekken, in de soms woeste penseelstreken en in
vooral de dikte van zijn verf. Daarnaast is er ook de gedetailleerdheid
van zijn tekeningen.
Bij al dat moois, indrukwekkends en
kunstzinnige vandaag dan toch deze aangrijpende gedenkdag. Vincent was
zelfs enige tijd prediker van het Woord, maar koos uiteindelijk toch
voor de prediking in beeld. Hij was de rusteloze, die van stad tot stad
trok; moeite had met contacten en balanceerde tussen geluk en
uitzichtloosheid. Hij vond balans in zijn schilder- en tekenwerk; maar
altijd weer slechts voor korte tijd.
Kaïn was even
rusteloos. In tegenstelling tot Vincent droeg hij een onrustig geweten
in zich mee. Waar hij ook heen vluchtte, dat geweten nam hij mee. In de
zoektocht naar een veilige plek, vond hij in Nod een locatie waar hij
zich wilde settelen. Hij bouwde met de zijnen hutten en ommuurde die met
pallisaden. Tijdens de bouw wordt daar – misschien wel gelijk met zijn
broertje Seth – een jongen geboren in het gezin van Kaïn en zijn vrouw.
Op de dag dat hij zijn naam ontvangt, krijgt hij de naam 'Henoch':
gewijde of toegewijding.
Een
verjaardag voert je altijd weer terug naar de dag van je geboorte. Je
bedenkt de trouw van de HEERE aan jou betoond. Maar soms sta je ook stil
bij het moment waarop je ouders voor het eerst jouw naam noemden en
verbonden met jou leven. Wat bewoog hen? Wie of wat wilden ze in die
naam leggen. Ik ben naar mijn opa van moeders kant vernoemd (Leendert
Hendrik de Mik), die op zijn beurt weer naar zijn beide opa's was
vernoemd (Leendert de Mik en Hendrik Verwaal). Namen zijn niet om het
even; ik kom daar, wat Henoch betreft, nog op terug. Gedenken is
waardevol; het liefst in stilte met God en wat mij betreft enkel met
mijn gezin als geheel erbij. Ik hoef niet zo nodig al die drukte… dan
schiet het gedenken er zo vaak bij in. En vandaag eveneens stilstaan bij
Vincent van Gogh, de beelden van zijn schilderijen langs laten komen
(er komt trouwens een
Van Gogh-bijbel uit binnenkort) is ook zeker een waardevolle en rustgevende gedachte.
 |
| Ophaalbrug in Nieuw-Amsterdam, Vincent van Gogh, 1883 |
De kunstenaar
Was Van Gogh een kunstenaar? Over smaak valt te
twisten en ik moet zeggen dat ik lang niet alles van hem mooi vind;
sterker nog ik vind veel van hem eerder aangrijpend dan schoon, zoals ik
Henk Helmantels werk wél schoon vind! Er is bij Van Gogh iets dat
dieper gaat dan alleen schoonheid. Je beleeft de worsteling in zijn
werk. Die zit bij Helmantel verborgen achter het schier fotografisch
schone.
 |
| Sterrennacht boven de Rhone, Vincent van Gogh, 1888 |
Maar Kaïn was eveneens een kunstenaar. Op zijn
manier een levenskunstenaar in de betekenis van 'pluk de dag' en
'vergeet wat was', maar vooral 'denk niet aan morgen'. Was Van Gogh zich
terdege bewust van de eeuwigheid en Gods toekomst, Kaïn wilde met alle
geweld een eigen rijk opbouwen, alsof hij hier het eeuwige leven had.
Een stad bouwen. Het ging hem blijkbaar te ver om die naar zijn eigen
naam te noemen. Hij noemde zijn zoon ook niet naar deze stad, maar hij
noemde de stad naar zijn zoon! Fijntjes merken de kanttekenaren op dat
de aartsvaders in tenten woonden – als teken van hun vergankelijk en
tijdelijk verblijf hier op aarde en als teken van hun kwetsbaarheid die
noopte tot het voortdurend Gods bescherming zoeken – en niet in steden.
Jesaja zal later de Rechabieten als voorbeeld voor Israël stellen; zij
waren een soort Amish temidden van het gesettelde volk Israël dat zich
stenen huizen bouwde en vaste steden.
De nazaten van
Kaïn werden door eenzelfde geest aangevuurd als hun stamvader. Zij
werden mannen van naam, reuzen zelfs. Autokraten, arristocraten en
magnaten. Nimrod zou een geweldig jager worden. Nog weer eeuwen later –
en dat waren dan geen nazaten van Kaïn maar van Noach, helaas – zou in
Babel een stad en toren verrijzen die zijns gelijken niet had gehad; het
Dubai van de oudheid.
Men wilde, in de geest van Kaïn, zichzelf
een naam maken; om maar vooral iets te zijn. Want ja, als God je geen
nieuwe naam zal geven, dan moet je zelf zien een naam te maken; en nog
wel ín dit leven. O, arm bestaan! En vooral ook onveilig bestaan. Kaïn
moet zich dat diepweg bewust zijn geweest. Vandaar die hang naar
veiligheid en ommuring. Het gevaar buiten… God ook buiten.
Een
kunstenaar die echt alleen leeft voor de kunst, is minder bezig met
zichzelf een naam te maken. In het leven van Vincent van Gogh was er
maar spaarzamenlijk oog voor zijn werk; dat kwam vooral na zijn dood. En
zo gaat dat vaak. Van die eer en van dat opzienbarende kun je niet
leven tijdens je leven. Daar zullen anderen hun financiële voordeel mee
doen. Met welke intentie vergaren wij op aarde onze bezittingen en
verzamelingen? We hebben hier hoe dan ook geen blijvende stad. Kaïn
meende dat het nog wel mee zou vallen, zoals veel dictators dat ook na
hem deden. Ze richtten een rijk op alsof ze het eeuwige leven hadden. Ze
waren toegewijd aan zichzelf, desnoods over lijken. Was dat misschien
de achtergrond van Henochs naam?
De opvoeding
Heb je weleens een preek over Henoch gehoord? Ja,
over die andere Henoch, die nazaat van Seth en de vader van de stokoude
Methusalem. Hij die evenveel jaar werd als wij dagen in een jaar hebben
zitten. Die wandelde met God. Maar de Henoch uit onze tekst? Vreemd,
want vanuit deze jongen zouden best heel leerzame lessen voor de
opvoeding van onze kinderen te trekken zijn.
 |
| Scharrendrogerij in Scheveningen, Vincent van Gogh, 1882 |
Als God in de Tien Geboden zegt dat Hij de verachting
van Zijn heilige Naam zal wreken tot in het derde of vierde geslacht,
betekent dat niet dat de klein- en achterkleinkinderen moeten opdraaien
voor de zonden van hun voorvaderen. Het betekent dat onze visie van
directe invloed is op zowel onze kinderen, klein- als
achterkleinkinderen. Genade is geen erfgoed, maar we brengen wel iets
over van het beeld dat wij van God hebben. Is dat negatief, dan moeten
we er vooral niet van opkijken dat onze kinderen en kleinkinderen de
dienst aan de HEERE vaarwel zeggen. Dat neemt niet weg dat God toch weer
kan ingrijpen in een geslachtslijn die van Hem is afgeweken!
Wat
Henoch betreft: welk beeld van God zal hij door zijn vader hebben
gekregen? En wat voegde zijn moeder daarin toe? Laten we nog een stapje
terug doen. In onze tekst lezen we dat Kaïn gemeenschap had met zijn
vrouw. Zij deelde het bed met een moordenaar! Zij is met hem
meegetrokken, weg van de clan van Adam en Eva. Abel was toch ook haar
broer of oom? Hoe zou zij tegen Abel en de dienst aan de HEERE hebben
aangekeken? De man zal in zijn visie wat worden bijgeslepen door zijn
vrouw, maar de vrouw zal haar visie ook bijstellen, als ze voortdurend
kijkt door de bril van haar man. Dat kan zegenrijk zijn, maar dat kan
ook negatief uitpakken. Gemeenschap heb je niet alleen op sexueel
terrein; dat heb je in eerste instantie op sociaal en relationeel
terrein, waaruit het sexuele als ultieme kroon volgt. Man en vrouwen
groeien – ook na hun trouwdag – meer en meer naar elkaar toe. Men zegt
weleens dat een man en een vrouw uiterlijk zelfs op elkaar gaan lijken,
naar mate ze ouder worden en langer met elkaar optrekken. Ik geloof dat
dat tot op zekere hoogte waar is.
Zo zal het ook gaan met de
kinderen: ze gaan lijken op hun ouders. Ze leren de dingen zien en
waarderen zoals hun ouders dat doen.
Henoch had bij zijn geboorte als het ware al naam gemaakt. Als hij loopt door de
straten van de stad die naar hem is genoemd, moet hij sterk in zijn
schoenen staan, wil hij niet vallen voor trots en hoogmoed. Zijn vader
eerde hem; de stad was als het ware een geboortecadeau aan hem. Kaïn zal
hem de kneepjes van het bouwersvak hebben geleerd en hebben gewezen op
het belang van autonomie en veiligheid en hoe je dat middels sterke
muren en grootsheid kan bereiken of zelfs afdwingen. En Henoch zal het
zíjn kinderen weer hebben doorgegeven. Welke rol speelde God dus in het
leven het nageslacht van deze Henoch? Te vrezen is dat de HEERE slechts
behoorde tot de dingen van vroeger; God was iets dat hoorde bij de clan
van Adam en Eva en van Seth. Maar hier in de stad Henoch zien we die
dingen anders, ruimer en vooral beter… Voortschrijdend inzicht,
nietwaar?
 |
Amandelbloesem, Vincent van Gogh, 1890
geschilderd als geboortecadeau voor zijn neefje en naamgenoot, het zoontje van zijn broer Theo en schoonzus Jo |
|
Henoch
groeide op temidden van grote monden (Lamech), innoverende geniën
(Tubal Kaïn), rusteloze harde werkers (Jabal) en kunstzinnige
artistiekelingen (Jubal). Allen gericht op een duurzaam en geriefelijk
bestaan. Duurzaamheid; daar staat onze tijd ook bol van. En begrijp me
goed, als duurzaamheid wordt ingezet om het milieu en de schepping van
God te sparen en beter te beheren dan is daar niets mis mee. Maar als
duurzaamheid gericht is op vastigheid in ons aards bestaan, dan is ze
triest en blind voor de werkelijkheid. We hebben hier geen duurzame
stad, maar we verwachten de stad die duurzame fundamenten heeft, waarvan
God de Kunstenaar en Bouwmeester is.
 |
| De armen en het geld, Vincent van Gogh, 1882 |
En neem van mij aan dat, wanneer we deze stad met
eigen ogen mogen zien, dan elk beeld van aardse grootsheid, macht en
schoonheid zal verbleken. Dit zal een weergaloze en onbeschrijfelijk
heerlijkheid zijn. Die moet je niet enkel uit boekjes vernemen, maar met
eigen ogen willen zien. Stempelt deze Kunstenaar en Bouwmeester ook
jouw opvoeding (zowel de passieve als actieve)? En ben je Hem toegewijd
door genade? Dan ligt er een eeuwige toekomst open voor je, die elke
vorm van duurzaamheid zal overtreffen. Let er maar op: de helft is je
nog niet aangezegd!