Posts tonen met het label behouden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label behouden. Alle posts tonen

vrijdag 4 september 2015

Vreest niet, gij klein kuddeke!

"Want God heeft Zijn Zoon niet gezonden in de wereld, opdat Hij de wereld veroordelen zou, maar opdat de wereld door Hem zou behouden worden."
Johannes 3 : 17

Om het nog maar eens duidelijk neer te zetten: Jezus kwam niet tot een oordeel, maar tot een voordeel. Het behoud van de wereld ging God aan het hart! Hoe kan het dan toch zijn dat van die wereld wordt gezegd "maar de Zijnen hebben Hem niet gekend" of zelfs "ze hebben Hem niet aangenomen"?! God heeft er werkelijk alles aan gedaan. Nog een tweede vraag: waarom is vers 16 wel zo populair en vers 17 een stuk minder? Ja, er worden zelfs kritische kanttekeningen bij geplaatst; en echt niet alleen aan de vrijzinnige kant van kerkelijk Nederland!

Bang voor Jezus

Dat de komst van de Messias als een oordeel werd gezien is niet zo vreemd. Verschillende profeten lieten Christus' dag samenvallen met Christus' wederkomst. En de Joden doen dat nog tot op de huidige dag. Echter, we staan tussen Zijn twee komsten in.
In de geschiedenis van de bezetene in het land der Gergesenen komt dit overduidelijk naar voren. De bezetenen – en door hen de duivelen zelf – riepen "Jezus, Gij Zone Gods! wat hebben wij met U te doen? Zijt Gij hier gekomen om ons te pijnigen voor den tijd?" Ze sisten en sidderden, want ook zij wisten niet het moment van het Laatste Oordeel. Nu zij, als een van de weinigen (!), Jezus herkende als de Zoon van God en wisten dat Hij tot een oordeel naar de aarde zou worden gezonden, meenden ze dat nu het moment was aangebroken.
Die duivelen waren doodsbenauwd. Uit de kalmte waarmee Jezus hen te woord staat en tegemoet treedt, blijkt Zijn heersende almacht. Al die boeken en films die de strijd tegen satan en zijn aanhangers afschilderen als een woeste doodstrijd, kijken verkeerd naar Jezus macht. Ze schetsen een beeld dat opkomt uit angst voor de satan. Maar laten we vooral leven vanuit de wetenschap dat de satan doodsbenauwd is van Christus. Hij voelt duidelijker dan wij mensen dat het het laatste der dagen is.
Opmerkelijk is in die geschiedenis in Mattheüs 8 dat Jezus er niet tegenin gaat. Hij zegt niet: "Nee, nu nog niet, hoor." Integendeel, Hij laat ze in die angst en stuurt ze zelfs weg.
Daarentegen zegt Hij hier tegen Nicodémus overduidelijk: Ik ben niet gekomen om de wereld te veroordelen, maar de behouden. Maar… zegt Jezus ook niet ergens ander (Lukas 12) totaal andere dingen? Daar lezen we in vers 49-51: "Ik ben gekomen, om vuur op de aarde te werpen; en wat wil Ik, indien het alrede ontstoken is? Maar Ik moet met een doop gedoopt worden; en hoe worde Ik geperst, totdat het volbracht zij! Meent gij, dat Ik gekomen ben, om vrede te geven op de aarde? Neen, zeg Ik u, maar veeleer verdeeldheid." Dat zijn toch heftige dingen. Nou, deze dingen vertelt Jezus om het vertekende beeld van Zijn komst bij te stellen. Vooral naar de wet- en schriftgeleerden toe. Die hadden een beeld van de Messias gecreëerd dat totaal niet met de werkelijkheid overeenkwam. In al die dingen gaat Jezus als het ware 180° de andere kant op staan. Hij veroorzaakt geen vrede, omdat het volgen van Hem geen vrede veroorzaakt, maar haat in deze wereld. Hij wil het vuur van de heiliging op de aarde werpen, maar zij hebben zelf een heiligheidsvuur aangestoken; zo dat het vuur van Zijn toorn dan niet oproepen? Maar tegen Zijn kinderen zegt Hij overduidelijk; "Wees maar gerust. Ik ben niet gekomen om de wereld te veroordelen, maar te behouden!" Sterker nog, in Lukas 12 : 32 lezen we: "Vreest niet, gij klein kuddeken, want het is uws Vaders welbehagen, ulieden het Koninkrijk te geven." Niet alleen 'niet vrezen', maar zelfs de belofte van het Koninkrijk en dat het geven daarvan juist Gods welbehagen is! Hoor je dat? God heeft in mensen een welbehagen!

Blij met Jezus

Bang zijn voor Jezus, angstig en bevend tot Hem komen, is niet wat God wil zien. Hij wil dat Zijn kinderen Hem vertrouwen en niet voortdurend verdacht maken. Hij wil de Zijnen vertroosten. En hoe kun je vertroosten als er totaal geen vertrouwen is? Echter, hoewel Jezus kwam om voor de wereld behoudenis te creëren, zijn er tallozen die Hem negeren of zelfs haten. Eens komt er een einde aan Zijn liefde en geduld met deze wereld. Het is niet de vraag wie tot die wereld behoren, maar wat wij met Zijn welmenend aanbod doen. Natuurlijk zijn wij onvermogend om ons te bekeren. Natuurlijk zijn wij machteloos in onszelf. Maar het gaat er niet om wat we in onszelf zijn, maar wat we in Hem zijn geworden. Dat eindeloze peuteren in de oude mens brengt een mens niet in de hemel. We moeten Jezus hebben als ons levende Paspoort. En uit Hem leven.
Natuurlijk bedroeven we Hem dagelijks met onze zonden. En wees daar maar verdrietig over. Maar dat is slechts één kant van de zaak. We hebben ons ook te verootmoedigen voor en te verlustigen in de HEERE. Want Hij wil graag behouden en niet graag verdoemen. Wie dat in twijfel trekt, slaat Hem recht in het gezicht. Nou, zeg het maar, in het licht van het komende Avondmaal en de komende Bruiloft van het Lam: vertrouwen we Hem al op Zijn woord? Hebben wij een bruiloftskleed aan, of zitten we eigenlijk illegaal aan, ja zitten we ten diepste illegaal in de kerk en kijken mensen naar ons alsof we een diepdoorgeleide bekeerde vrome christen zijn, terwijl we voortdurend minzaam neerzien op dat oppervlakkige spreken van Jezus Zelf?
Aan Zijn tafel zitten is gemeenschap met Hem oefenen. Zie je daarnaar uit? Ben je blij met Jezus, Die je persoonlijk uitnodigde voor deze geestelijke maaltijd? De voorsmaak van Zijn Koninkrijk! Zou ik niet diep dankbaar en blij zijn voor Jezus en Zijn werk?

zondag 21 december 2014

Heb jij last van angst voor God?

"En indien iemand Mijn woorden gehoord, en niet geloofd zal hebben, Ik oordeel hem niet; want Ik ben niet gekomen, opdat Ik de wereld oordele, maar opdat Ik de wereld zalig make" (Johannes 12 : 47)

Wanneer het volk Israël bij de berg Horeb zijn tenten heeft opgeslagen, komt God tot hen. En wat je ziet gebeuren is dat het volk bang wordt. De Heere had machtige tekenen en wonderen gedaan in Egypte, waar ze danig van onder de indruk waren geraakt. Hij had hen ook wonderlijk door de Rode Zee geleid. Daarin was de Heere toch ook al heel dichtbij gekomen? Inderdaad, maar toch wordt het volk bang, als hun God tot hen komt. Het oorverdovende geluid van donder, boven op de berg, imponeert. De helle bliksemschichten van Gods heiligheid, waarmee Hij Zich laat zien, vervullen het volk met paniekerige angst. Mozes moet maar met God spreken en naar Hem luisteren, want zij kunnen dit niet verdragen! Vanwaar die angst?

Continue is de Heere bezig om de mens gerust te stellen. Dat begon al in Genesis 3, in het Paradijs, toen Adam en Eva hadden gezondigd. De mens kruipt weg, zodra hij God hoort aankomen. Terwijl Adam als priester in zijn gezin zijn vrouw bij de hand had moeten leiden en tot God brengen, Hem tegemoet gaan, daar duikt hij weg achter zijn vrouw!
Terecht vreest de mens het oordeel. Maar hoe verrassend is God, als Hij de moederbelofte geeft! En hoe vaak heeft Hij de mens aan die belofte herinnert. God zal bij de mensen komen. Jesaja spreekt ervan: "En men zal te dien dage zeggen: Ziet, Deze is onze God; wij hebben Hem verwacht, en Hij zal ons zalig maken. Deze is de HEERE, wij hebben Hem verwacht, wij zullen ons verheugen en verblijden in Zijn zaligheid" (Jesaja 25:9).

Ook Manoach en zijn vrouw vrezen, als ze zich realiseren dat ze oog in oog hebben gestaan met God. Hoewel, zijn vrouw trekt al snel andere conclusies:
"En de Engel des HEEREN verscheen niet meer aan Manoach, en aan zijn huisvrouw. Toen bekende Manoach, dat het een Engel des HEEREN was. En Manoach zeide tot zijn huisvrouw: Wij zullen zekerlijk sterven, omdat wij God gezien hebben. Maar zijn huisvrouw zeide tot hem: Zo de HEERE lust had ons te doden, Hij had het brandoffer en spijsoffer van onze hand niet aangenomen, noch ons dit alles getoond, noch ons om dezen tijd laten horen, zulks als dit is(Richt. 13:21-23).
De offers namen de plaats in van de mens, het voorwerp van de toorn. Verzoening maakte dat God en mens weer met elkaar konden communiceren. Echter, het bloed van stieren en bokken an sich konden Gods toorn niet stillen. Ze waren slechts een schaduw, een sacrament, dat naar iets hogers en heerlijkers wees: het Lam dat zou worden geslacht.

Als het Nieuwe Testament inzet met het feit dat God de mens opnieuw gaat bezoeken, opzoeken, zien we tot driemaal toe vrees. Maria, Zacharias en de herders vrezen en in al die gevallen wordt er door de hemel gezegd: "Vreest niet!" Niet vreemd, die vrees, want wie God ziet moet sterven, zo leerde men in het Oude Testament. En wat ook belangrijk is te weten is dat de profeten Christus eerst komst (met vrede) en Zijn tweede komst (ten gericht) als één gebeurtenis zagen. Zo leefde de gedachte dat áls de Messias komen zal, de Dag des Oordels er zou zijn. Maar dit blijkt een visiefout te zijn. Luister maar.
Tegen Maria vertelt de engel: "En zij zal een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten JEZUS; want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden" (Matth. 1:21). Geen angst, maar hoop! Want zó zult u God weer onder ogen kunnen komen! Jezus bevestigt die woorden meerdere malen, zoals: "Want de Zoon des mensen is gekomen om zalig te maken, dat verloren was" (Matth. 18:11). Ook Paulus wijst daarop tegen Timotheüs: "Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben" (1 Tim. 1:15).
Jezus onderstreept dit in onze tekst: Hij is niet gekomen ten oordeel, maar om de mensen te behouden. Het is evenwel niet om het even wat we met die boodschap doen!